Home » Lemmer » Visserij en schepen » Jan Nieveen en de tramboten Lemmer-Amsterdam » Jan Nieveen en de tramboten Lemmer-Amsterdam (6)

Jan Nieveen en de tramboten Lemmer-Amsterdam (6)

De Zuiderzee, De Groningen VI en de Harm Nieveen, gebroederlijk naast elkaar.
De Zuiderzee, De Groningen VI en de Harm Nieveen, gebroederlijk naast elkaar.
De Jan Nieveen, zonder mast.
De Jan Nieveen, zonder mast.
Een mooi vertrouwd beeld.
Een mooi vertrouwd beeld.
Groningen Lemmer salonboot Jan Nieveen 1928. 21 april 1928.
Groningen Lemmer salonboot Jan Nieveen 1928. 21 april 1928.

Bovenstaande foto's zijn ingezonden door Wouter Onrust, het is een trommeltje waar de "Holland-Friesland" lijn, op afgebeeld staat.

Johannes de Vries uit Lemmer vertelt: "Al zoekende kwam ik een kaartje tegen dat misschien op het trommeltje zou wijzen. Er staat het volgende op: Dit trommeltje zou omstreeks 1905 in de handel zijn gebracht; Dit wist te vertellen Mej. J. van der Gaast (de huishoudster van onze oude overbuurman de Kleermaker IJlst). Het trommeltje werd uitgegeven ter gelegenheid van de bouw tramstation. En werd destijds gevuld met een half pond tabak. En verkocht in de winkel van Kokje op de hoek, van het Burg. Krijgerplein. Er staat een onleesbare handtekening onder. Omdat er over overbuurman 'IJlst' gesproken wordt moet het haast wel van Pieter v.d. Bijl zijn".

Johannes de Vries vertelt: Bij deze foto van de Lemmerboot, die na een reis van vijftien uur in de haven aankwam, vroeg ik mij af hoe men op de Zuiderzee zo lang onderweg kon zijn. Deze week kwam er een uitgebreid antwoord op die vraag. Mevr. Kelderhuis-de Boer belde, dat het een reis in zware storm was geweest. Aan boord was onder andere haar vader Sibbele de Boer. De boot was de Groningen IV, twintig jaar later na een aanvaring op het IJsselmeer gezonken. Zij had een krantenknipsel over deze reis, geschreven door Sip de Vries, de vrouw van mijn vaders neef Jan Pen. De volgende morgen kwam Simon Kelderhuis met het knipsel langs, zodat ik er een kopie van kon maken.

'De Bolsward'. In februari 1898 werd de Stoomvaart Maatschappij Amsterdam- Lemmer opgericht, die deze lijn zou gaan exploiteren in aansluiting op de lijnen van de Nederlandsche Tramlijn Maatschappij. Tot directeur van de nieuwe onderneming werd benoemd P.
'De Bolsward'. In februari 1898 werd de Stoomvaart Maatschappij Amsterdam- Lemmer opgericht, die deze lijn zou gaan exploiteren in aansluiting op de lijnen van de Nederlandsche Tramlijn Maatschappij. Tot directeur van de nieuwe onderneming werd benoemd P.
Salonboot Groningen IV in de haven van Lemmer.
Salonboot Groningen IV in de haven van Lemmer.
Het twaalf-uurtje aan boord van 'De Friesland' smaakte uitstekend.
Het twaalf-uurtje aan boord van 'De Friesland' smaakte uitstekend.
Interieur van 'De Friesland'.
Interieur van 'De Friesland'.
De aanlegplaats van 'De Friesland' is niet ver meer en weldra ligt de boot aan de steiger.
De aanlegplaats van 'De Friesland' is niet ver meer en weldra ligt de boot aan de steiger.

Jan Nieveen, ingezet bij sleepboot Femmy op de Vissersburen.

Sleepboot Femmy.

Om te beginnen was daar de Femmy, een heel klein, lief sleepbootje dat eigendom was van de steenkolen handel van Gosse Wierda. De Femmy sleepte en verhaalde de kolenschepen, meestal Rijnaken zonder eigen voortstuwing, van en naar de Tramhaven waar het kraanschip van Gosse Wierda lag. De machinist van deze door stoom aangedreven kraan was Atte Duiker. Hij was vader van Jaap, een klasgenoot van me. Een erg driftige man in mijn beleving als kind. In de Tramhaven werden de steenkolen overgeslagen in andere binnenschepen, maar ook naar de wal om verder naar de opslagloodsen in de buurt van de oude sluis, naast het kantoor van m’n vader, te worden getransporteerd.

Wat me nog heel helder voor de geest staat, is dat de Femmy natuurlijk ook wel een slokje brandstof lustte. De kapitein van de Femmy, Oepke de Boer moest zelf met behulp van een speciale roterende vlinderpomp (met heen- en weerzwengel), die met de inlaatpijp in een olievat werd gezet, de olie overpompen in de bunker van de sleepboot. De olievaten werden met een vrachtauto aangevoerd en stonden op de Prinsessekade t.h.v. het oude tramstation. Overigens was deze kapitein een bijzonder aardige man, die bij mij altijd heel goed gemutst overkwam.

De kapitein van de Femmy woonde aan de Vissersburen. Vaak lag zijn bootje bij hem voor de deur (de Rien langs de Vissersburen was toen nog niet gedempt). Op een bepaalde morgen bleek de Femmy op onverklaarbare wijze gezonken. Dus groot alarm. Brandweer erbij, maar ook werd de ‘Jan Nieveen’ ingezet om de Femmy weer boven water te krijgen.

Door: Leen Bosma

Hoe verging het de Jan Nieveen later, onderstaande brief met foto's geeft daar antwoord op.

Betreft: Jan van Nieveen

Geachte heer (of mevrouw?) Spanjaard, Mijn Finse echtgenote en ik wonen sinds 1994 in Helsinki. Waren afgelopen zomer weer een rondje fietsen op Ahvenanmaa (of op zijn Zweeds: Åland), het hoofdeiland van eilandengroep tussen Finland en Zweden. Ahvenanmaa, met als hoofdstad Mariehamina (of op zijn Zweeds: Mariehamn), is een autonoom deel van Finland met een Zweeds sprekende bevolking.

Afhankelijk welke dag van de week je wilt reizen, drie of vier keer per dag met Eckerö Linjen een snelle verbinding van en naar het Zweedse vasteland naar het haventje Eckerö aan de zonnige westkust van het eiland. Een tweede mogelijkheid van en naar Zweden is via Mariehamina of naar (en van) Finland. We overnachtten wederom in het prachtige historische Post & Tullhus (Post en Douanekantoor), ca. 50 meter van het strand, net buiten Eckerö, waar Peter en Mercedes Winquist waken over dit prachtige gebouw uit 1828.

Met dertien in originele stijl ingerichte kamers met uizicht op zee, ontbijtzaal, galerie en museum in het hoofdgebouw, de was- en saunagelegenheid in één van de koetshuizen, het historische postkantoor en het Café Lugn & Ro in het andere koetshuis, geeft deze plaats je de rust en de ruimte met een ongerepte natuur voor de deur. Hoewel we in de afgelopen jaren al meerdere malen ook in Mariehamina waren geweest (afstanden zijn op Ahvenanmaa maar betrekkelijk: Mariehamina ligt slechts op 35 fiets\auto kilometers van Eckerö), was het mij niet eerder opgevallen, maar plotseling meende ik een “bekend” silhouet te zien.

En inderdaad, toen we uiteindelijk op de steiger stonden: daar lag hij te pronken: de Jan van Nieveen! Kreeg ik van de (culinaire)bemanning toestemming om een rondje met de camera te maken. Helaas door werkdruk ben ik er dit weekend pas aan toegekomen om eens op internet “Jan van Nieveen” in te typen en kwam zo op uw website. Neem aan dat u met de bijgaande foto’s ook vele anderen een plezier kunt doen.

Ronald Parée.

Ingezonden brief.

Het motorschip Jan Nieveen teruggevonden in de Finse wateren.

Mijn overgrootvader van moederskant, Geert Nieveen heeft in 1870 met zijn broers Reint en Jan de Groningen‑Lemmer Stoomboot Maatschappij opgericht die tot 1959 de bootlijn met Amsterdam exploiteerde. Voor de geschiedenis hiervan moge ik verwijzen naar het boek ‘De Lemmerboot. Levenslijn tussen Amsterdam en Lemmer’.

De maatschappij is opgeheven maar het vlaggenschip, de Jan Nieveen, werd een tweede leven gegund al veranderde het schip enige malen van naam en eigenaar.

In 1989 heb ik zelf nog een tocht met de Jan Nieveen gemaakt. De boot had zijn oude naam terug en lag weer als vanouds aan de De Ruijterkade in Amsterdam. Er was een Vereniging van Vrienden van het m.s. Jan Nieveen opgericht en de eigenaar, de heer Arthur Nikkessen stelde het schip een weekend ter beschikking van de Vrienden. Op zaterdag heen, op zondag terug. Ik logeerde in hotel De Wildeman in Lemmer, waar mijn moeder in 1890 geboren is toen haar vader Harm Nieveen, kapitein was op de Groningen IV, een van de oudere schepen van de maatschappij.

Arthur Nikkessen.

Leuk was dat er op de heenreis ook een Jan, een Reint en een Geert Harm Nieveen meevoeren. De familie is nog steeds geïnteresseerd. Zelf heb ik de eigenaar na afloop nog fotokopieën van Nieveen-gegevens bezorgd. Bij hem was het schip in goede handen maar om gezondheidsredenen zag hij tegen een verdere exploitatie op. Hij hoopte de Jan Nieveen over te kunnen doen aan een stichting die zich het behoud van dergelijke schepen ten doel stelt. Helaas was er in Nederland geen belangstelling. Het schip werd verkocht naar de Finse wateren en dat zijn er vele. Exit Jan Nieveen. Inmiddels was er achterhaald dat de Jan Nieveen onder de naam F.P. von Knorring als restaurantschip in de haven van Mariehamn in Finland lag.

Nu wist ik van Finland niet veel meer dan dat de hoofdstad Helsinki heet maar toevallig had ik een paar maanden eerder een groepsreis per bus geboekt naar Finland en St. Petersburg. Ik keek het programma nog eens door en ontdekte zowaar dat wij via Mariehamn (op een van de Ålandeilanden in de Oostzee) naar Turku zouden varen op de Finse zuidkust.

We gingen op reis maar hadden nog geen uur om in Mariehamn te passagieren. Zonder geluk vaart niemand wel en dat gold zeker voor mij. Want er zijn meer havens in Mariehamn met lange kades en veel schepen. Maar ik heb de boot gevonden (in de Österhamn). Wel vraag ik mij af wat de dienstdoende ober aan zijn collegae verteld heeft over een opgewonden oude dame die in hakkelend Engels vertelt dat zij geen tijd heeft om te komen eten omdat zij met een bus-gezelschap reist. Zij komt echter uit Nederland, stamt van de Nieveens af. Heeft hij soms een folder of foto?

Ik kreeg een A4‑tje met Jan Nieveens historie in het Zweeds en een menu‑omslag waarop de boot in zijn volle lengte is getekend. En ook de foto's die ik zelf maakte met een wegwerpcamera zijn wonderwel gelukt. De Jan Nieveen heeft weliswaar nu de naam van een geestelijke die veel voor land en volk heeft gedaan maar opzij staat nog de oude naam.

Han van der Linden‑Schadd.


PDF
van_zuiderzee_naar_alandshav
PDF [224.6 KB]
Download (7 downloads)

Hy leit no ferklaaid as restaurant by in eilântsje yn Finlân, de Jan Nieveen. Mar wy kinne it skip as de Lemmerboat. Foar en benammen yn en ek noch nei de oarloch, wie it skip in normaal bestândiel fan ferfier fan De Lemmer nei Amsterdam.

Opset troch Grinzers, want dêr kaam it measte spul wei. Yn de oarloch op in folslein tsjustere Iselmar spoeke it somtiden raar. Ek koene net alle passazjiers sjen litten wurde oan de Dútsers.
Nei de oarloch rekke de feart út dizze tsjinst.

It skip hat earne oars plak fûn, mar waard letter weromhelle, om rekreaasjetsjinsten te dwaan fan De Lemmer út. Mar se koene it dêr net folhâlde en foar de twadde kear ferdwûn de Lemmerboat. Bliuwt oer de neitins.


Bron: De Levenslijn tussen Amsterdam en Lemmer. Het verhaal van het stoomschip Jan Nieveen van 1928 tot 1982, auteurs Anne Wielinga & Johan Salverda.