Home » Lemmer » Verhalen van en over Oud-Lemsters » Heroïsche tocht van Lemmer naar Urk en terug

Heroïsche tocht van Lemmer naar Urk en terug

LEMMER- HEROISCHE TOCHT VAN LEMMER NAAR URK EN TERUG -

Zaterdag 7 oktober 1939 zijn de eerste drie wandelaars ooit “over land" op Urk aangekomen.
Het was zeker geen gemakkelijke tocht voor deze Lemster jongens, want op sommige plaatsen voerde hun weg over zinkstokken, keileem of basaltstenen. Het was een moeilijke tocht want over een groot deel van het traject (de dijk is 24 km lang!) moesten de mannen door het nog weke keileem baggeren of over de glibberige zinkstukken lopen. Na een kort bezoek op het voormalig eiland Urk hebben de heren ook de terugweg te voet afgelegd en het was al lang donker, toen ze hun sportieve prestatie geleverd hadden. Eén van de heren heeft na de tocht een uitvoerig verslag uitgebracht van hun belevenissen en die zijn zeer zeker interessant genoeg, om ze hieronder weer te geven.

De tocht is gemaakt door de heer Tiesse de Rook – bekend visroker in Lemmer, de latere wethouder/locoburgemeester Albert. E. Klijnsma en Tjeerd van der Bijl, directeur van het Postkantoor alhier. Klijnsma, Van der Bijl en De Rook liepen op 7 oktober, dus 4 dagen(!) nadat de laatste opening in de dijk gesloten was, van Lemmer naar Urk en terug. De drie stoere mannen kwamen allen van de Lemmer en hebben als het ware de vaste wal-Urk onofficieel geopend. Precies kwart over zeven in de vroege morgen verlieten de drie wandelaars ons mooie dorp Lemmer en via het opslagterrein bereikten ze al spoedig het begin van de ringdijk. Het eerste moeilijke eindje was het gedeelte, dat twee weken geleden nog het sluitgat voor de haven was. Daar lag nog het verse keileem, dat door de regen erg glibberig geworden was.

De hele heenreis viel een lichte motregen, soms afgewisseld door een flinke regenbui. We zagen er dan ook al spoedig ontoonbaar uit, zei een van de heren ons in het onderhoud dat we later met hem hadden. Maar de eerste 14 kilometers hebben we overigens in een vlot tempo afgelegd, want het dijkvak van de N.O.P. is, behalve het sluitgat, thans heel goed begaanbaar.
Maar op het eindpunt van dit dijkvak, waar nog steeds de nationale driekleur wappert, werd het heel wat moeilijker. Hier kregen de heren een gedeelte van 250 meter pas gestorte keileem te passeren en één van hen was ook nog zo ongelukkig, er een paar keer een eind in weg te zakken.

Een kilometer lang voerde de weg over glibberige zinkstukken, die langs de dijk lagen. Het liep dan wel niet gemakkelijk — zo werd verteld — maar ze deden het, om dat weke keileem te vermijden. Soms gleden ze van een dergelijke zinkstok af en dan kwamen ze op plaatsen terecht, waar een halve meter water stond. Gelukkig kon er onderweg in de directiekeet van de N.V. Zanen Verstoep uitgerust worden en een kopje koffie genuttigd worden. Men was daar in de keet in ieder geval zeer verwonderd over onze tocht door het weke keileem.

Een ander moeilijk gedeelte voor Klijnsma, de Rook en Van der Bijl was een 9 kilometer lang gedeelte, dat door de N.V. Zanen Verstoep was aangelegd.  Dit dijkvak was nog niet afgewerkt en zo voerde de weg over behoorlijk grote basaltstenen, waarop men heus niet zo erg gemakkelijk liep. Maar om half een ’s middags hadden we toch Urk bereikt, zo vertelde onze zegsman verder.
De burgemeester van Lemsterland had burgemeester Keyzer van Urk van onze komst op de hoogte gesteld.

We werden op het gemeentehuis van Urk ontvangen en daarna hebben we in Hotel Woudenberg aldaar gegeten. En verder hebben we een paar nieuwe sokken gekocht. Zoals men zich kan voorstellen waren de andere paren doorweekt en aan vervanging toe.
Tijdens het interview vroegen we aan de wandelaars of ze wel wisten wat voor afstand ze hadden afgelegd — Het antwoordt was dat ze hadden uitgerekend dat het van Gemeentehuis naar Gemeentehuis zo ongeveer 25 kilometer moest zijn.

Er werd ook gevraagd hoe laat Klijnsma, de Rook en Van der Bijl weer van Urk waren vertrokken en dat bleek rond 2 uur diezelfde middag te zijn geweest.
Van burgemeester Keyser van Urk hebben de geweldenaars een oorkonde gekregen, waarop later ook de Lemster burgemeester Krijger nog vermelden zal, dat de mannetjesputters ook de terugtocht hebben volbracht. De oorkonde was verder voorzien van de gemeente stempels van Urk en Lemsterland.
De N.V. Zanen Verstoep heeft de heren nog aangeboden, om ze met een motorvlet weer van Urk naar Lemmer terug te brengen, maar gedrieën vonden ze het aardiger ook de terugtocht te voet te volbrengen.

De Oorkonde 1939

De terugreis was voor de Lemster jongens gunstiger dan de heenreis. Het regende niet meer en de firma Zanen Verstoep bleek uitstekend te hebben doorgewerkt om met de zinkstokken klaar te komen, zodat de wandelaars niet zo lang meer door het keileem heen hoefden te baggeren.
Het was natuurlijk al in oktober dus de dagen waren al behoorlijk aan het korten en toen de vraag werd gesteld hoe ze met de invallende duisternis te maken hadden gehad, vertelden ze dat men om zeven in de bocht tegenover het stoomgemaal was en toen begon het al donker te worden.
Bij het voormalig sluitgat voor de haven was het pikduister en het viel niet mee, in die omstandigheden door het keileem te komen. Uiteindelijk was de eerste van het trio om precies twintig voor acht in huis.

Op de vraag of het mogelijk zou zijn de trip per fiets van Urk naar Lemmer te maken, of omgekeerd, kwam het antwoordt: — “Het zal wel niet meevallen, want je zult je fiets hele einden moeten dragen”. Op de terugtocht fietste ons trouwens nog wel iemand achterop, die naar St. Nicolaasga reisde. Hij heeft de tocht wel volbracht, maar hij trof het, dat de zinkstokken er lagen. Over de eerste negen kilometer had hij 1 uur werk en wij liepen het in 2.5 uur.

Albert Klijnsma, Tiesse de Rook en Tjeerd van der Bijl hadden voor deze tocht overigens een speciale toestemming van de hoofdingenieur nodig en omdat zij de eersten waren, is die ook afgegeven.

Maar in het vervolg worden deze vergunningen niet meer uitgereikt. Enkele Urker mannen waren geënthousiasmeerd door de tocht van deze Lemster jongens en van plan de maandag erop naar Lemmer te wandelen.
— “Met den wind troffen jullie het niet slecht”, merkten we tijdens het interview nog op.
— “Nee, dat klopt, de wind was Noordoost. Als hij Zuidwest geweest was, hadden we de tocht waarschijnlijk moeilijk kunnen volbrengen, want dan stond de golfslag pal op de zinkstokken”.

Na het vraaggesprek vernamen nog, dat de heer Tiesse H. de Rook al in 1929 met een groep andere personen als eerste de tocht van Lemmer naar Urk per schaats had volbracht.
Maar de prestatie was ditmaal niet minder.
Vijftig kilometer op één dag wandelen, soms over glibberige zinkstokken en verse keileem....
We kunnen er slechte bewondering voor hebben!

Door kleinzoon: Albert Aukema

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.