Home » Historie-Friesland » Moddergat |1| » Moddergat |3|

Moddergat |3|

De W.L 8

De W.L 8 Heette "De Vier Gebroeders" Dit soort namen kwamen veel voor en wijst op uitermate hechte onderlinge familiebanden. Deze aak was gebouwd in 1859 en had een waarde van f 4000,- Water verplaatsing 32 ton. Eigenaren waren: Gooitsen Sapes van der Zee 1/4, Bote H. Groen1/3, Weduwnaar Siebe van der Zee1/4, K. J. de Haan 1/12, Hille A. Groen 1/12.

De omgekomen bemanning bestond uit:

  • De schipper Bote Hilles Groen, (-1883) 43 jaar, Gehuwd (Nabestaanden, Vrouw Jantje Douwes Visser 41 jaar, Douwe 10 jaar, Sape 7 jaar, Siebe 4 jaar) a.b.
  • Verder zijn zoontje Hille Botes Groen, (-1883) 13 jaar. Deze ging mee voor Gooitsen Sapes van der Zee, die bij het uitvaren ziek was; 
  • Sape Gooitzen van der Zee, (-1883) 43 jaar, Gehuwd (Nabestaanden, vrouw Feikje Aants Post 42 jaar, Gooitzen 8 jaar, Aafke 6 jaar, Aangenomen kind Aant 6 jaar)
  • Teake Montes Visser, (-1883) 50 jaar Gehuwd, (Nabestaanden, vrouw Jeltje Klazes Groen 47 jaar, Richgtsje 18 jaar, Elisabeth 16 jaar, Johannes 14 jaar, Anna 11 jaar, Kornelis 9 jaar, Trijntje 6 jaar, Hielke 3 jaar,) Zoon Klaas, 24 jaar en Minte, 21 jaar. Omgekomen met de W.L 14. 
  • Dirk Sijbes van der Zee, (-1883) 23 jaar, ongehuwd, woonde in bij zijn moeder Jantje Dirks Jansma, 53 jaar, Sape, 27 jaar (verstandeloos)

Enkele dagen na de ramp werd in de keren voor Paesens het z.g. "Braadspit" van dit schip gevonden. En hiermede brak het riet der laatste hoop, dat dit schip misschien nog beschutting had gevonden bij een van de Duitse Waddeneilanden. De aak strandde op de Oostkant van Engelsmanplaat en ging geheel verloren.

- Bote Hilles Groen (-1883) 
- Hille Botes Groen (-1883) 
- Sape Gooitzen van der Zee (-1883) 
- Teake Montes Visser (-1883) 
- Dirk Sijbes van der Zee (-1883)

De W.L 9

De W.L 9 Heette "De Jonge Dirkje". Het was een blaas, in 1879 door W. Zwolsman te Makkum, gebouwd. Groot 36 ton. Waarde f 6000,- De eigenaren waren: Wed. Dirkje Andries de Jong, Wed. Jan P. Visser 1/2, Sjolle P. Visser 1/2.

De omgekomen bemanning bestond uit:

  • Auke Wietzes de Vries, (-1883) schipper 39 jaar Gehuwd (Nabestaanden vrouw Martje Jans Visser 38 jaar, Dirkje 10 jaar, verder inwonend Dirkje Andries de Jong, wed. van Jan Pieters Visser,72 jaar.
  • Pieter Wietzes de Vries, (-1883)  te Paesens, 40 jaar Weduwnaar (Nnabestaanden Kornelis 20 jaar, Doeke 18 jaar, Treintje 13 jaar, Elisabeth 9 jaar, Anna 8 jaar, Doetje 4 jaar.)
  • Folkert Wietzes Visser, (-1883) 26 jaar Ongehuwd.
  • Douwe Tietes Visser, (-1883) 48 jaar Gehuwd. (Nabestaanden vrouw, Saapke Jans Visser 46 jaar, Pieter 15 jaar,)
  • Jan Jans Buurmans, (-1883) 52 jaar Gehuwd. (Nabestaanden vrouw, Sjutsje Martens Post, 53 jaar, Heiltje 22 jaar) zoon Jan 25 jaar omgekomen op de W.L 20. 

De plaats van stranding van deze blaas is onbekend gebleven, er werd niets van geborgen, de zee had het schip met man en muis verzwolgen.er om een tekst te typen.

- Auke Wietzes de Vries (-1883) 
- Pieter Wietzes de Vries (-1883) 
- Folkert Wietzes Visser (-1883) 
- Douwe Tietes Visser (-1883) 
- Jan Jans Buurmans (-1883)

W.L 11

De W.L 11 droeg de naam "De Twee Gezusters", maar werd ook wel genoemd "Elisabeth". Het in 1872 gebouwde schip mat 30 ton en had een waarde van f 5000,- De eigenaren waren: Bote Foppes, 1/2, J. Hansma te Dokkum, 1/2

De omgekomen bemanning bestond uit:

  • Bote Foppes Groen, (-1883) 50 jaar Gehuwd (Nabestaanden vrouw, Renske Aants Post 47 jaar, Janke 20 jaar, Jantje 18 jaar)
  • Kornelis Aants Post, (-1883) 39 jaar Gehuwd (Nabestaanden vrouw, Jantje Pieters Schregardus 39 jaar, Aant 12 jaar, Pieter 5 jaar,)
  • Fopke Foppes Steensma, (-1883) 49 jaar Gehuwd (Nabestaanden vrouw, Sepke Wiltje Meindertsma 44 jaar, Elisabeth 19 jaar Wiltje 13 jaar, Fopke 10 jaar, Treintje 5 jaar.)
  • Sjolle Minnes Zeilinga, (-1883) 69 jaar Weduwnaar.
  • Age de Jong, (-1883) 26 jaar, gehuwd (Nabestaanden vrouw Mientje Sjolles Zeilinga 24 jaar.)

Deze aak strandde op 12 maart op de bosplaat van Terschelling. Door Wiltje Aants Post en Tjerk Johannes Schregardus werd het geborgen en was reeds op 16 april in Dokkum voor reparatie. W. Dijk herstelde dit vaartuig voor f 2000,- en op 12 juni d.a.v. kwam het weer in de vaart. Later werd de aak door de vissers. De "Alde Blauwe" genoemd.

- Bote Foppes Groen (-1883) 
- Kornelis Aants Post (-1883) 
- Fopke Foppes Steensma (-1883) 
- Sjolle Minnes Zeilinga (-1883) 
- Age de Jong (-1883)

De W.L 12

De W.L 12 heette "De Jonge Wealtjes". Het was een blaas van 36 ton en in 1881 door W. Zwolsman te Makkum, gebouwd. De waarde bedroeg f 7000,- De eigenaresse was Weduwe Wealtje K. Post.

De omgekomen bemanning bestond uit:

  • Frederik Wealtjes Post, (-1883) schipper, 33 jaar gehuwd (Nabestaanden vrouw Dirkje Wietzes de Vries 34 jaar, Wealtje 5 jaar, verder inwonend Eelkje Frederik Sousma, weduwe van Wealtje Kornelis Post 72 jaar *)
  • Kornelis Wealtjes Post, (-1883)  46 jaar, gehuwd (Nabestaanden vrouw Treintje Pieters Visser 47 jaar, Minke 13 jaar, Eeke 9 jaar, Wealtje 6 jaar,)
  • Haye Dirks de Boer, (-1883) 71 jaar de oudste van de bij de ramp omgekomen mensen, gehuwd, (Nabestaanden vrouw Gietje Jans Verhagen 76 jaar, Thijs 37 jaar,)
  • Monte Lieuwes Koudenburg, (-1883) 63 jaar, gehuwd (Nabestaanden vrouw Atsje Jacobs de Jong 51 jaar, Jacob 21 jaar, Ate 20 jaar, Aafke 16 jaar, Martje 12 jaar)
  • Jan Wietzes de Vries, (-1883) te Paesens, ongehuwd.

"De Jonge Wealtjes" in zijn naam waarschijnlijk een eerbetoon dragend voor de vader van de twee broers aan boord, is ten zuiden van Ameland gezonken en reddeloos verloren gegaan.

- Frederik Wealtjes Post (-1883) 
- Kornelis Wealtjes Post (-1883) 
- Haye Dirks de Boer (-1883) 
- Monte Liewes Koudenburg (-1883) 
- Jan Wietzes de Vries (-1883)

* Wealtsje Aelts Post en een opname van het interieur van herberg te Paesens van 'De weduwe Wealtsje Aelts Post'

De W.L 14

De W.L 14, "De Vier Gezusters" Deze blaas was in 1878 te Makkum door Jan H. Alkema gebouwd. De waarde bedroeg f 6000,- De eigenaren waren Frederik Willems Lei 2/3, Willem Tietes Visser 1/3.
De omgekomen bemanning bestond uit:

  • Willem Tietes Visser, (-1883) schipper 52 jaar, gehuwd (Nabestaanden vrouw Jantje Wiltjes Meinderstma 46 jaar, Treintje 21 jaar, Tietje 17 jaar, Eeke 12 jaar, Pietje 10 jaar,)
  • Tiete Frederiks Lei, (-1883) 30 jaar, Gehuwd (Nabestaanden vrouw Orseltje Aukes Visser 26 jaar, Frederik 3 jaar, Aukje, 1½ jaar, Tjeen 6 maanden.)
  • Klaas Teakes Visser, (-1883) 24 jaar, ongehuwd.
  • Minte T. Visser. (-1883) 21 jaar, zoon van Teake Montes Visser van de W.L 8.
  • Monte Pieters van der Lei, (-1883) 28 jaar, gehuwd, (Nabestaanden vrouw Hiltje Engels van Dijk 29 jaar, Pieter 2 jaar,)

De W.L 14 kwam terecht op het Amerlanderstrand en kon gered worden. W. van Dijk, scheepsbouwmeester te Dokkum, herstelde het vaartuig ten koste van f 2646,87,- Het kon wegens het gebrek aan geschikte bemanning niet eerder dan in 1884 weer uit varen.

- Willem Tietes Visser (-1883) 
- Tiete Frederiks Lei (-1883) 
- Klaas Teakes Visser (-1883) 
- Minte T. Visser (-1883) 
- Monte Pieters van der Lei (-1883)

De W.L 16

De W.L 16 "De Twee Gebroeders" stond onder bevel van de schippereigenaar Hendrik Jans Pilot. Het was een in 1875 gebouwde aak van 32 ton, waarde f 5500,-

De omgekomen bemanning bestond uit:

  • Hendrik Jans Pilot, (-1883) 61 jaar, Gehuwd (Nabestaanden vrouw Eelkje Williams Mans 60 jaar, Anna 23 jaar, Gooike 17 jaar.)
  • Jan Hendriks Pilot, (-1883) 31 jaar, gehuwd (Nabestaanden Vrouw Mesina Thijns Dubblinga 32 jaar, Wietske 9 maanden, (Zie foto De W.L 7) Jantje geboren na de ramp en vernoemd naar zijn omgekomen vader.)
  • Willem Hendriks Pilot, (-1883) 29 jaar, gehuwd (Nabestaanden vrouw Aaltje Annes Groen 25 jaar, Willemke geboren na de ramp en vernoemd naar de omgekomen vader.)
  • Minne Thijns Dubblinga, (-1883) ongehuwd 22 jaar, woonde bij twee zusters. Trijntje 36 jaar, Minke 27 jaar,
  • Jacob Aatzes Koudenburg, (-1883) zoon van Aatzes Lieuwes Koudenburg, van de W.L 5, ongehuwd.

De plaats van stranding van dit vaartuig is volslagen onbekend. Ook het aanspoelen van enig wrakstuk is nergens geregistreerd. Het vaartuig verdween zonder enig spoor achter te laten.

- Hendrik Jans Pilot (-1883) 
- Jan Hendriks Pilot (-1883) 
- Willem Hendriks Pilot (-1883) 
- Minne Thijns Dubblinga (-1883) 
- Jacob Aatzes Koudenburg (-1883)

De W.L 17

De ondergang en redding van de W.L 17 is wel een van de meest bewogene geweest van deze ramp. De W.L 17 was een in 1873 gebouwde aak van 32 ton met een waarde van f 4500,- De naam was "De Twee GebroedersDe eigenaren waren: Wed. Einte Sapes van der Zee, T. Hacquebord van Dokkum was voor f 2250,- medebelanghebbende.

De omgekomen bemanning bestond uit:

  • Jan Eintes van der Zee, (-1883) schipper, 29 jaar, ongehuwd woonde bij zijn moeder Antje Jan Visser Weduwe van Einte van der Zee, 66 jaar, en een zuster Leentje 25 jaar, 
  • Sape Eintes van der Zee, (-1883) 32 jaar, gehuwd (Nabestaanden vrouw Sijke Foppes Post 33 jaar, Montje 2 jaar, Anna 6 maanden)
  • Auke Martens Buurmans, (-1883) 59 jaar, gehuwd (Nabestaanden vrouw Eelkje Eintes de Vries 62 jaar, Jitske 33 jaar, Marten 21 jaar,) Zijn zonen Klaas en Einte kwamen om met de W.L 6.
  • Hendrik Pieters Visser, (-1883) 34 jaar, gehuwd (Nabestaanden vrouw Martje Douwes Basteleur 37 jaar, Douwe 9 jaar, Sibbeltje 7 jaar, Pieter 6 jaar, Gelf 3 jaar, Aelze 1 jaar)
  • Gerlof Aants Post, (-1883) 46 jaar, gehuwd (Nabestaanden vrouw Akke Jans Jansma 48 jaar, Frederikje 22 jaar, Martje 19 jaar, Antje 13 jaar, Aant 11 jaar)

Op 10 maart 1883, dus 4 dagen na de ramp, drijft deze boot op de balggronden en werd er een tros en een zilveren horloge geborgen. Een dag later komt het bericht, dat het schip weer uit het gezicht verdwenen is en op nieuw een zwerftocht voor onze Waddenkust is begonnen. Na ongeveer een week strand het definitief op het Amelanderstrand en werd het met succes geborgen. Ook dit schip werd hersteld. Het is het enige schip dat zonder hulp van het fonds weer in de vaart werd gebracht.

- Jan Eintes van der Zee (-1883) 
- Sape Eintes van der Zee (-1883) 
- Auke Martens Buurmans (-1883) 
- Hendrik Pieters Visser (-1883) 
- Gerlof Aants Post (-1883)

De W.L 19

De W.L 19 was een aak genaamd "De drie Gebroeders" Gebouwd in 1871, waarde f 4500,- De eigenaren waren: Douwe de Haan 3/8, Cornelis de Haan 3/8, Burgermeester Doederus de Vries, van Dokkum 1/8, Apotheker Boekhout van Dokkum 1/8. 

De omgekomen bemanning bestond uit:

  • Douwe Jacobs de Haan, (-1883) schipper ,51 jaar, Gehuwd (Nabestaanden vrouw Treintje Andreis Botstra 53 jaar, Trijntje 18 jaar)
  • Zijn zonen Jacob Douwes de Haan, (-1883) 24 jaar, ongehuwd.
  • Andries Douwes de Haan, (-1883) 22 jaar ongehuwd.
  • Verder aan boord zijn broer Cornelis Jacobs de Haan, (-1883) 47 jaar, gehuwd (nabestaanden vrouw Leentje Hilles Groen 47 jaar, Treintje 20 jaar, Richtje 17 jaar.
  • En diens zoontje Hille. C. de Haan, (-1883) 12 jaar)

De W.L 19 is aanvankelijk gestrand op Schiermonnikoog, later hiervan weer weggeslagen en verdwenen. Op de kust van Groningen zijn later nog enkele wrakstukken aangespoeld.

- Douwe Jacobs de Haan (-1883)
- Jacob Douwes de Haan (-1883)
- Andries Douwes de Haan (-1883)
- Cornelis Jacobs de Haan (-1883)
- Hille Cornelis de Haan (-1883)

De W.L 20

De W.L 20 heette de "Vrouw Jeltje" en was een in 1878 in Makkum gebouwde blaas. De bouwer was W. Zwolsman, terwijl het ijzerwerk geleverd werd door Klaas Willem Hoogeboom, de smid die voor de meeste in Makkum gebouwde blaazen het ijzerwerk leverde. Deze smederij, die later verplaatst is, bestaat nog steeds en maakt ook nu nog ijzerwerk voor de vaartuigen van de kustvisserij. De waarde van deze blaas was f 5500,- Groot 32 ton. Eigenaresse: Jeltje Douwes Douma, Weduwe van Sietse Foppes Groen.

De omgekomen bemanning bestond uit:

  • Tjeerd Sietse Groen, (-1883) schipper, 20 jaar, ongehuwd (woonde bij zijn moeder wed. Sietze Foppers Groen 43 jaar, zijn zuster Treintje 17 jaar, en broers Douwe 15 jaar, en Foppe 9 jaar)
  • Jan Folkert Visser, (-1883) 47 jaar, gehuwd (Nabestaanden Vrouw Sijke Aants Post 48 jaar, Jantje 17 jaar, Folkert 12 jaar,)
  • Taeke Pieters Visser, (-1883) 24 jaar weduwnaar.
  • Tjerk Eelzes Schregardus, (-1883) 25 jaar, gehuwd (Nabestaanden vrouw Martje Gerlofs Visser *, Gooike 9 maanden)
  • Jan Jans Buurmans, (-1883) 25 jaar ongehuwd zoon van Jan Jans Buurmans van de W.L 9.

Deze blaas is gezonken aan de kust van Ameland

* Martje Gerlofs Schregardus-Visser, was 23 jaar toen haar man omkwam.

- Tjeerd Sietse Groen (-1883) 
- Jan Folkert Visser (-1883) 
- Taeke Pieters Visser (-1883) 
- Tjerk Eetzes Schregardus (-1883) 
- Jan Jans Buurmans (-1883)

De W.L 21

Het laatste schip was de W.L 21 genaamd "De Jonge Marten". Ook dit schip was in Makkum op de werf van W. Zwolsman gebouwd. Bouwjaar 1877, groot 36 ton waarde f 6000,- De eigenaren waren: Freedrik Martens Lei 2/5, Wed. Gerben Martens Lei 1/5, Bote Lieuwes Koudenburg 1/5, Eelze Tjerk Schregardus 1/5.

De omgekomen bemanning bestond uit:

  • Frederiks Martens Lei, (-1883) schipper 52 gehuwd (Nabestaanden vrouw Tietje Tietes Visser 63 jaar.)
  • Zijn zoon Marten Frederiks Lei, (-1883) 32 jaar ongehuwd.
  • Eelze Tjerks Schregardus, (-1883) 51 jaar gehuwd (Nabestaanden vrouw Gooike Sietzes Visser 53 jaar, Janke 21 jaar, Jantje 18 jaar, Sietske 12 jaar,)
  • Marten Gerbens Lei, (-1883) 30 jaar, ongehuwd.
  • Bote Lieuwes Koudenburg, (-1883) 56 jaar, gehuwd (Nabestaanden vrouw Antje Tjerks Schregardus 56 jaar, Brechtje 21 jaar)

De W.L 21 strandde op de Zuidwal van Schiermonnikoog. Het vaartuig werd evenwel zeer spoedig weer vlot gemaakt en afgebracht naar Ezumazijl.

Op de werf van W. Dijk te Dokkum voor f 1649.48 weer hersteld en in augustus weer in de vaart gebracht. In 1902 is dit vaartuig op het strand van Borkum uit elkaar geslagen, nadat de bemanning door de reddingsboot was gered.

- Frederik Martens Mei (-1883) 
- Marten Frederiks Lei (-1883) 
- Eetze Tjerks Schregardus (-1883) 
- Marten Gerbens Lei (-1883) 
- Bote Lieuwes Koudenburg (-1883)

Hiermede is de droeve rij afgesloten. Van de drie en tachtig omgekomen mensen hebben slechts veertien hun laatste rustplaats op het kerkhof van Paesens mogen vinden.

Hier volgen hun namen: Hille Botes Groen, Douwe Jelles Basteleur, Aant Tietes Post, Kornelis Aants Post, Aatse Lieuwes Koudenburg, Klaas Taekes Visser, Hille Kornelis de Haan, Auke Martens Buurmans, Willem Tietes Visser, Jan Gooitsen Basteleur, Kornelis Wiltjes Post, Jan Wietzes de Vries, Gooitsen Jans Basteleur, Kornelis Sipkes Visser.

Over twee van deze slachtoffers vertelt de Nieuwe Dockumer Courant meer bijzonderheden:

Moddergat, 9 Mei 1883

Laatstleden Zaterdag den 5den Mei is ten Oosten van Schiermonnikoog een lijk op een zandbank gevonden. Naar de kenteekens is het Hille Kornelis de Haan, oud 13 jaar, den 6den Maart verongelukt tijdens de ramp, als opvarende van de W.L. 19, in de nabijheid gestrand".

"Schiermonnikoog, 27 Augustus 1883

Uit een der omgekeerd op het strand liggende vischschepen van het Moddergat, werd den 8sten Maart l.l. een persoon, wiens hulpgeroep men hoorde, op eene bijzondere wijze gered. Men kapte ten dien einde een gat in de bodem, door het welk hij werd opgehaald uit een hachelijke toestand; hij kon verlost worden uit een sedert vele uren dreigend doodsgevaar.

Bij dien persoon, Basteleur geheten, bevond zich als deelgenoot van zijn verschrikkelijk lot en zeer in de nabijheid, zijn reeds meer bejaarde oom, Kornelis Sipkes Visser, oud 61 jaar. Hij hoorde dezen kermen, hoorde dezen wiens uitgeputte krachten, na lange worsteling, hem niet toe lieten, aan een balk of iets anders zich te blijven vasthouden, naar beneden in het water storten, om daarin de dood te vinden.

Bij de pogingen, sedert eenige tijd aangewend, om het schip uit het zand te werken, en vervolgens zoo mogelijk, af te brengen, welke voortdurend gelukkig slagen, welke waarschijnlijk ook binnenkort ten volle de gewenschte uitkomst zullen hebben is in de afgelopen week het lijk gevonden van den man, die zoo onder zulke akelige omstandigheden het leven moest verliezen.
't Verkeerde in nog betrekkelijk goede staat. Na behoorlijk in een kist geborgen te zijn, werd het lijk naar het Moddergat overgebracht, ten einde daar of te Paesens te aarde besteld te worden".

"Tot heden zijn slechts 5 teruggekomen"

Drie schepen wisten voor de wind het Friese Gat - de brede geul tussen de Engelsmanplaat en Schiermonnikoog - binnen te komen. Ze kwamen de Oostmahorn voor de wal. Het vierde schip kwam achterstevoren het Amerlander Gat, tussen Ameland en Terschelling binnen en bereikte zo de veilige Waddenzee. Anne Botes Groen, kwam met zijn schip eveneens achterstevoren door het Pinkengat of Wierumergat in rustig water. Over dit schip gaat het volgende oorspronkelijk in het Fries geschreven verhaal van 'Anders Minnes Wybenga'.

Schipper Anne Botes Groen, met aan boord zijn drie zonen, Jan, Hille en Klaas en de knecht Tiete. Groen begrijpt dat hij ter hoogte van het Wierumergat is. Daar wil hij in, maar er is geen kans op, om het schip zelfs maar een klein beetje te draaien. Tenslotte gaan ze er in, achterstevoren. Alle ballast brengen ze naar voor in het schip dan ligt het het stevigst.

Het is nu 's morgens een uur of zeven. Ze turen naar hun makkers. Van de 22 aken zijn er nu nog maar twaalf te zien. Nu komt het vreselijke. Een klein eindje van Groen z'n aak slaat één over de kop. Wild gejammer klinkt in de golven. Nog onstuimiger wordt de zee. Daar slaat weer een aak om, nu vlak bij die van Groen. Ze zien de bemanning vlak voor hun ogen wegzinken in de golven.

Ondertussen zij ze doodsbang dat de verongelukte tegen die van hun op zal botsen, want dan zijn ze verloren. Op het nippertje slagen zij er in om uit de buurt van het vaartuig te blijven. Weer slaat er één over de kop. Het is de Hendrik Pilot. Zijn zoon Willem die daar in de golven verdwijnt is getrouwd met een dochter van Groen. "Oh, ûs Aeltsje! want......

Al meer schepen treffen het zelfde lot. Het zijn allemaal familieleden en innige vrienden die daar worstelen met de dood. "Jonges, ik moat nei 't foarûnder,hâld jim jim hjirboppe mar goed" Schipper Groen gaat naar het vooronder. Daar bid hij, daar worstelt hij met God, zoals eertijds vader Jacob. Boven hem raast de woeste zee "Jan,hâld dy fêst! roepen de broers. Een grote golf stort zich over het schip. Jan wordt er bijna onder bedolven "Wei!" zeggen de broers, die wat groter zijn en op een betere plaats staan. O nee gelukkig Jan staat nog overeind, hij heeft zich uit alle macht aan het voor schip vastgeklampt.

Schipper Anne komt weer boven. Van zijn gezicht is alle angst verdwenen "Jonges,'t goed mei ús! Wy moatte moed hâlde" Ze laten het anker zakken. En ja het vind grond, en hij houd het. Wild deint de aan op en neer, maar tenslotte wordt het het weer beter en kunnen ze het anker lichten. Er is geen aak meer te zien. Ze komen bij Wierum aan de kust en 's avonds kunnen ze veilig aan wal gaan.

Dan naar huis toe. Het waait nog hard, maar al van verre kunnen het gejammer van vrouwen en kinderen boven de wind uithoren. Ze staan op de dijk en zien hoe nu iets van de ene dan van de andere aak aanspoelt. Omgeslagen, terwijl de bemanning de dood in de golven heeft gevonden. Oh, die arme weduwe en wezen daar in diepe rouw, bij die stormachtige wind en onstuimige zee.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.