De Middenstand
Elders hebben wij geschreven dat de Pier Christiaanvaart van grote betekenis is geweest voor de ontwikkeling van onze dorpen. Vooral tussen de jaren 1920-1950 waren er veel middenstanders die een vestiging hadden in Delfstrahuizen en Echtenerbrug. Deze ontwikkeling is ook te zien aan de toename van het aantal inwoners. Rond 1900 had zich al wat bedrijvigheid gevormd, maar het grootste aantal vinden we tussen bovengenoemde jaren.
Enkele vonden geen volledig bestaan in hun zaak en werkten er elders bij, en deed de vrouw de zaken naast de huishouding. Het is misschien interessant om eens te zien hoe het zakenbestand er in die jaren uitzag. Uiteraard is er in die periode wel eens een wijziging geweest, doch dit is zeer weinig.
Lijst van beroepen en bedrijven in Delfstrahuizen en Echtenerbrug in de jaren 1920 tot 1950:
Dat de Pier Christiaanvaart, de verbinding tussen de meren, de veengebieden, en de Schoterzijl van grote invloed is geweest, blijkt ook uit het feit, dat de ontwikkeling van Echtenerbrug toch wel iets ten koste is gegaan van de groei van Echten. Ook met de bouw van de zuivelfabriek in 1900 in Delfstrahuizen, had men al voor een locatie aan het water gekozen.
Dit bracht ook enige bedrijvigheid mee. Ook de scheepvaart was in de jaren 1920-1950 nog van groot belang. Duizenden tonnen vracht passeerden jaarlijks de brug. De vaart met kleinere schepen, met modder en turf, was in die jaren nog van grote betekenis. Als overwinteringsplaats was Echtenerbrug erg in trek bij de schippers. Wanneer de winter zich aandiende, probeerden veel schippers tijdig ons dorp te bereiken, en zo hier de winter door te brengen. Het aantal dat hier de winter bleef was soms vrij groot. In de winter van 1936 lagen er hier 34 skûtsjes ingevroren.
De kinderen gingen hier naar school, de vrouwen regelden de huishouding en de mannen stonden bij de brug, of rond het vuur van de smidse van Koehoorn en bespraken daar de dingen van de dag. Het waren niet alleen de vrachtvaarders die van de vaart gebruik maakten. Ook hadden we hier het sleepbedrijf van Jan Verhoeff en voer Gerrit Verhoeff geregeld met zand en grind naar de vaste klanten.
Nu waren onze dorpen wel gegroeid en waren er meer inwoners gekomen, het hield echter niet in dat onze zakenmensen hier bleven. Ze brachten ook hun waren naar de omliggende buurtschappen zoals Vierhuis, de Zevenbuurt, Echtenerpolder (toen nog zo geheten), en de dorpen Echten en Oosterzee.
In de jaren na 1950 liep het aantal zaken echter snel terug. Dat was voor een groot deel te wijten aan de toenemende mobiliteit van de burgers en de opkomst van het grootwinkelbedrijf in de omliggende grote plaatsen. Ook gebrek aan opvolging speelde mee. Jammer. De ventende slager, bakker en kruidenier waren uit het dorpsbeeld verdwenen en de bedrijvigheid, wat ook een stukje gezelligheid meebracht, hoorde tot het verleden.
Op deze foto Ulbe Jans Koopman, geb. op 16 mei 1857, en zijn vrouw Sanderine Bos, geb. op 19 juni 1859. Deze beide mensen begonnen een winkel bij de brug in 1878. De winkel werd later door dochter Oeke gedreven. In 1968 werd de zaak beëindigd.
Oeke Koopman en Martha Bloem achter de toonbank van de winkel bij de brug in Echtenerbrug.
Berend Otten in zijn scheerwinkel annex schoenmakerij. Otten kwam van Steenwijkerwold in 1900. Hij beëindigde de zaak in 1942. De winkel was gevestigd in het pand Turfkade 2.
Een bekende verschijning in onze dorpen in de jaren tussen 1945 en 1966. Dirk Smink met zijn pony en wagen. Smink woonde op de Zevenbuurt aan de Tjonger.
Op deze foto zien we Joh. Otten en zijn vrouw Hiltje Koehoorn voor hun winkel aan de Turfkade. De fam. Otten begon de winkel in 1923.
Reactie plaatsen
Reacties