Home » Historie-Friesland » Friese Verzetsstrijders » Weij, Familie v.d.

Weij, Familie v.d.

Familie v.d. Weij, geboren op 5 oktober 1920 te Huizum, overleden op 17 december 1944 te Neuengamme (Duitsland).

T. van der Weij, uit Huizum, werd met drie zoons in maart 1944 werd gearresteerd. Zij drukten o.a. „Vrij Nederland" en „Trouw" en werden betrokken in het proces tegen laatstgenoemd blad.

In het boek van dr. Y. N. Ypma ,Friesland annis domini 1940-1945" leest u op pagina 257: „Een eresaluut komt hier toe aan de drukkers, die eigen leven en hun hele bedrijf in de waagschaal stelden. En dan denken wij hier in de eerste plaats terug aan T. van der Weij uit Huizum, die met drie zoons in maart 1944 werd gearresteerd. Zij drukten o.a. „Vrij Nederland" en „Trouw" en werden betrokken in het proces tegen laatstgenoemd blad. Geen van hen keerde uit het concentratiekamp, waartoe zij werden veroordeeld, terug."

De heer T. van der Weij, stichtte in 1908 het bedrijf op no 14D aan de Schrans onder de naam „Drukkerij Victoria" en slaagde er door hard werken en vakmanschap in zijn zaken zo uit te breiden, dat hij vijf jaar later een groter pand kon betrekken, toen nummer D 46 thans no 91. Het bedrijf werd nimmer een enorme kolos met series donderende persen en stromen personeel.

Dr. Ypma zegt over de zulken in zijn beschouwing over „Illegale pers en propaganda" de ondergrondse opiniebladen besprekend: „Om het gevarenrisico te vermijden gaf men er de voorkeur aan het drukken te doen geschieden in afgelegen, kleinere plaatsen als Bergum, Drachten, Koudum, Sneek, Harlingen, Huizum, Oudehaske of Leeuwarden. Deze drukkerijen waren dan meestal weer bedrijfjes met een zeer beperkt personeel, dat men volkomen kon vertrouwen, of ook wel ondernemingen met een kern van „eigen volk," zoals een vader met enkele zoons of een paar broers, die het illegale drukwerk buiten de gewone werktijden deden"

Wie de bezettingssituaties nu in perspectief bekijkt en zich nog kan herinneren met welk een meedogenloze hardheid de gangsters van het Duitse opsporingsapparaat de illegaliteit te vuur en te zwaard poogden uit te roeien kan niet anders dan diepe bewondering hebben voor de volledige bereidheid waarmee vader en zoons Van der Weij hun leven op het spel hebben gezet om de goede zaak te dienen. Slechts vertrouwen in de nederlaag van de bezetter hadden zij maar geen zekerheid daarover. Zij behoorden allerminst tot de handige meelopers van het laatste uur.

Mevrouw K. van der Weij-Kuipers, zei later: „Ze waren er al van het begin af aan bij betrokken maar mij vertelden ze niet te veel. Dat was maar goed ook. Er was eerst contact met Klaas Post uit Zaandam, geloof ik. Dat betrof toen „Vrij Nederland." Later kwamen er andere bladen bij. Ze werden naar de Groene Weide gebracht en vandaar gingen ze verder maar wie dat deden wist je niet. Er kwamen vaak anderen en je kende ze niet of alleen bij een schuilnaam. Om beurten waren er anderen, die „Trouw" kwamen halen. Ook een jongeman van eenentwintig. Nee, zijn naam heb ik nooit gehoord. Ze kregen hem te pakken en ze zeiden, dat hij de doodstraf niet zou krijgen als hij namen noemde. Ze hadden hem gemarteld en hij noemde namen, ook die van ons. Toch is hij doodgeschoten. In augustus 1944."

De S.D. hield de drukkerij korte tijd scherp in de gaten en deed op maandagmorgen 20 maart 1944 een inval: vier leden van de Sicherheitsdienst en vier Leeuwarder politiemannen. Mevrouw Van der Weij: „Ze dachten, dat ze illegaal zetsel zouden vinden maar het enige wat ze konden ontdekken was zetsel voor het Drie Cents Fonds van de stichting. „Het Hoogeland". Toch was er wel wat maar ze konden niet van het lood lezen". Het ontbreken van bezwarend materiaal vormde geen beletsel om de vader en drie van zijn zoons mee te nemen. Zoon Klaas, later wonend in Hilversum, bleef gespaard. Hij lag op bed met tb. Met hem bleven zijn moeder en zijn zuster Sjoukje achter. Een tweede zuster was in die tijd al getrouwd en niet meer in huis. De gearresteerde zoon Piet was getrouwd. Zijn weduwe, mevrouw J. van der Weij-Kollem, woonde later in Leeuwarden.

De spanning en het verdriet, waaronder zo velen in de oorlog in dergelijke omstandigheden leden, hebben ook het gezin Van der Weij langdurig geteisterd. Sjoukje en Piets vrouw hebben de geliefden voor het laatste gezien in hun gevangenschap te Haren. Daarna slokte de onbeschrijfelijke duisternis van verschillende concentratiekampen deze Leeuwarders voor eeuwig op. Hun doodsberichten bereikten de familie met grote tussenpozen via het Roode Kruis, eenmaal ook bij monde van een S.D.-functionaris bij wie de nabestaanden werden ontboden.

Wanneer Sjouke omkwam is niet eens met zekerheid bekend geworden: tussen 5 april en 31 mei 1945, in Bergen Belsen. Hij was 28 jaar oud. Vader Van der Weij stierf op 2 februari 1945 in Grosz Rosen, 60 jaar. Theun overleed, 24 jaar oud, op 17 december 1944 in het concentratiekamp Neuengamme. Pieter was 34 jaar toen hij de laatste strijd streed in het concentratiekamp Aurich, een dag voor de dood van zijn broer Theun.

Mevrouw Van der Weij merkt zachtjes op: „Het is goed, dat ze het niet van elkaar geweten hebben"

Links boven: de heer T. van der Weij, (geb. 1884) rechts boven Theunis van der Weij, (geb. 1920) links onder Sjouke, (geb. 1916) daarnaast Pieter, (geb. 1910)

Zie ook: www.trouw.nl

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.