Pietersbuurt, Lemmer |1|

|    1   |    2   |

De stichter van de Pietersbuurt, Pieter Martens de Vries, hier met zijn echtgenote Berendje de Vries-Koster. De foto werd in 1907 genomen toen het echtpaar 50 jaar getrouwd was. Pieter martens overleed in december 1913 op 82-jarige leeftijd.

Pieter Martens de Vries, geboren op maandag 11 juni 1832 in Lemmer, overleden op donderdag 18 december 1913 in Lemmer, 81 jaar oud.

Aanvankelijk Nederlands Hervormd, later – na 1880 – Christelijk Gereformeerd. Zoon van Marten Pieters, zeilmaker en Idskjen Folkerts de Vries. Gehuwd 18 mei 1856 te Lemsterland met Berendje Sipkes Koster, geboren op 20 juli 1835 te Lemmer, dochter van Sipke Idses en Trijntje Joukes Post. Uit dit huwelijk: Marten (1857), Trijntje (1857), Idskjen (1866), Sipkjen (1871), Folkert (1875-1876) en Aaltje (1880).

Was aannemer-timmerman, wonende aan de Vissersburen te Lemmer. Stond in het dorp bekend als ‘Piterbaes’ en ook wel als ‘Piters Berendsje’. Was de stichter van de Pietersbuurt in Lemmer, in de tachtiger jaren van de vorige eeuw. Uit zijn bedrijf is het latere aannemersbedrijf Frankema, voortgekomen, daarna Bouw en Aannemingsbedrijf Van der Molen. Tijdens de restauratie van de Nederlands Hervormde kerk (1983 – 1985) werd op één der kerkbanken een met potlood geschreven tekst gevonden, waaruit bleek dat Pieter Martens de Vries, in 1865 het interieur van de kerk had vernieuwd. Zijn lidmaatschap van de vereniging voor Christelijk Onderwijs was van korte duur. Op 20 september 1865 bedankte hij als lid, vermoedelijk omdat hij het niet eens was met de statuten. Een geschil over de sabbath viering is waarschijnlijk de oorzaak dat hij bedankt als lid.

DE TWEE “GROF” AARDEWERK FABRIEKEN IN LEMMER

De genoemde pottenbakkerij op het Turfland, “De goede verwachting”, was één van de twee Lemster pottenbakkerijen. De andere en tevens oudste, was “De Hoop”. Beide pottenbakkerijen zijn eigendom geweest van pottenbakker Freerk Harmens en zijn nakomelingen. Freerks zoon Sijbe Freerks en kleinzoon Willem Sijbes Monsma zetten de traditie voort. Zoon Hendrik Monsma Kleinhouwer was als pottenbakker de beoogde opvolger, maar Hendrik overlijd in juli 1880 op 23-jarige leeftijd en de familie gaat over tot verkoop van beide Lemster “grof” aardewerk fabrieken.
Bij de veiling zijn aanvankelijk de timmerlui Hendrik Harmens Visser (1838-1900) en Pieter Martens de Vries (1832-1913) de broer van Christaan de Vries, de hoogste bieders, elk op één van de bedrijven. Uiteindelijk koopt Pieter Martens de Vries de beide bedrijven voor een bedrag van 5587 gulden.
De erfgenamen van Pieter Martens de Vries zijn in de eerste helft van de 20e eeuw nog steeds eigenaar van de pottenbakkerij op het Turfland. Van de twee pottenbakkerijen is tegenwoordig niet veel meer terug te vinden in Lemmer. De straatnaam “Pottenbakkerssteeg” herinnert ons er nog aan.

Wat ons verder nog rest is het bijzonder fraaie Lemster kerfsnee-aardewerk wat te zien is in de oudheidkamer het “Lemster Fiifgea” te Lemmer

Bewoners van de Pietersbuurt, omstreeks 1948.

Naam
 
Wed.Sietske Raadsveld en zoon
Jan en Lies van der Veen
Auk,Wiepkje,Jurjen,Gauke Bootsma
Hans en Marie Alberda
Klaas en Rens Fleer
Andries en Gees Visser
Jarig en Tetje Bijlsma
Fam. Bartele ten Hoeve
Wed. Klaske van der Singel
Rienk en Wieke Platte
Wed. Sjoerd Nijland en dochter
Vrijgezel Pieter Dijkstra
Fam. Tjebbe Zandstra
Jan en Antje Deinum
Pakhuis Berend Scholten (dubbel)
Berend en Anna Scholten
Wiebren en Sjut Hoekstra
Fam. Geert Lammers
Fam. Sake en Bienke Visser
Fam. Roelof Akkerman
Fam. Thomas Thijsseling
Fam. Roel en Anna Hoekstra
Lutzen en Akke Visser
Fam. Rijpkema
Fam. Jaap Scholten
Weduwnaar Wiepke Kok
Fam. Ike Rippen
Eelke en Sjoltsje Feenstra
Gerrit en Sietske Hogeterp
Schelte en Lum Rottiné
Hendrik en Japke Frankema
Sibbele en Jantsje de Boer
Fam. Siep Visser
Fam. Roel Hoekstra
Pelle en Mette de Vries.
Fam. Fledder
Herre en Klaas v.d.Veen
Keesje Verhoef

pers
 
2
4
4
4
2
5
7
4
3
4
2
1
4
2
 
9
6
4
7
2
3
4
2
2
5
1
7
7
5
5
4
4
5
2
8
7
2
1

Beroep
 
Kruidenierster
Binnenvisser
Vissers
Stoker, Stoomgemaal-chauffeur
Monteur radio-centrale
Zuiderzeewerker
Melkboer-ober
Conducteur Tramweg Mij.
Huisvrouw
Gemeentereiniging
Werkman Gasfabriek
Konijnenfokker
Noordzee-loggervisser
Stoker Stoomgemaal
 
Handelaar lompen en metaal
Visser
Werkman houtmolen
IJsventer-Visverwerker
Losarbeider
Werkman Lemmerboot
Bootwerker binnenvaart
Geld-strijk-schrijver
Onbekend
Werkman houtmolen
Boerenarbeider
Melkboer
Huisschilder
Boerenarbeider
Stuurman Lemmerboot
Timmerman
Werkman Lemmerboot
Zuivelventer
Visser
Stoker stoomgemaal
Lappenkoopman
Helling-arbeiders
Muzikant

Naast man achter in het midden is Lummigje Rottine-Rienksma, daarnaast Tjaltje Feenstra-Alberda. Iebeltsje Bootsma vooraan met het witte schort

  • Elsa Wolter-Lammers: Dat mannetje in het midden met pet en vrouw met bril en wit haar strak naar achteren zijn mijn overgrootouders Harm en Pietje Akkerman. Die woonden daar in de Pietersburen.

Op de twee foto's is Roelie Spanjaard-Visser te zien, geboren op de Pietersbuurt; Loesje Bootsma Koornstra, kon vertellen, dat op de rechter foto het de grote steeg is, in het huis erachter woonde Thomas Thijsseling.

Aanvulling-Appie en Afke Goedegebuur.

Appie: "Jou vader Sake (Reade Sake) Visser, reisde met Afke haar Pake Durk, als duo langs kermissen en dorpsfeesten als Boeienkoning en zijn assistent. Op een keer waren de Heren in Harlingen, toen er iets mis ging.

Jou vader kreeg de touwen om geknoopt door Pake Durk, die altijd als eerste reageerde als er geroepen werd om assistentie, echter in Harlingen reageerde Pake te laat, en een sterke Harlinger knoopte jou vader veel te vast, waardoor de truc mislukte.

Ook was je vader ijscoverkoper op het oude Lemster-strand bij de ingang over de oude trambrug, stond hij dan, en Afke haar vader Ret Goedegebuur, stond daar kaartjes te verkopen voor de rijwielstalling. Ook hebben zij samen gewerkt bij Honig in Zaandam.

Ik weet zelf nog een aardig verhaal uit de Pietersbuurt, jou vader had een stuk of wat kippen, ik meen 3 of 4 gekregen of gekocht (precies weet ik het niet meer) Ik heb toen met je broer Freek en je vader een hok voor de beesten gemaakt, gaas en krammen en wat planken en 4 palen werden bijeen gescharreld, en het werk kon aanvangen.

Al gauw stond het geraamte er, de palen met planken was een stevig omhulsel voor het kippenhok, Freek en ik werden in het hok geplaatst om de krammen die het gaas vasthielden aan de binnenkant plat te slaan, anders zouden de kippen aan de puntige uiteinden zich bezeren, maar nu diende zich er een probleem aan, er zat geen in of uitgang in de ren, waardoor we er niet uit konden.

Er moest een timmerman aan te pas komen, om ons te bevrijden, deze timmerman was Piet Koehoorn, die aan het eind van de Steeg woonde, hij heeft er toen een deurtje ingemaakt".

De Pietersbuurt 36 te Lemmer. In de deuropening staat mijn moeder Hinke Meijer Abma, met Tom Meier op haar arm, rechts van haar staat Jantsje Visser, inmiddels Mevr. Deinum, die met haar ouders Andries en en Geeske Visser links naast ons woonden.

Links vooraan, is Loesje Koornstra, met naast haar Boukje Meijer, 3e van links ben ik zelf Appie Meijer, naast mij rechts staat Jannie Alberda, 2e van rechts is Frea Mulder (Frekie) en helemaal rechts is Andries Koornstra, geheel vooraan is Gertje Meijer, deze foto is van maart/april 1956.

1958

Op de Pietersbuurt: Freek, Tabina, Barbara en Gea Visser.

Afdruk van Jan Visser: Het eerste huis naast de steeg is mijn (Roelie) geboortehuis, de steeg waar Loesje Bootsma-Koornstra ook woonde.

  • Loesje Bootsma-Koornstra: Ik herken mijn tafel kleedje nog aan de lijn toen wij er woonden.

Roelie Spanjaard-Visser: Het 2e huis met het hok ervoor is mijn geboortehuis Pietersbuurt 13 Lemmer. Foto van museum Lemmer

Gezin van man, vrouw en drie kinderen in één kleine kamerTalrijke krotten en stinksloten in het vriendelijke Lemmer.

"Bij sommige boeren ziet het kippenhok er beter uit dan ons huis." Het huis? Eén kamertje met twee bedsteden. Voor een gezin van man, vrouw en drie kinderen.

Twee slapen in de ene bedstee en de andere bij vader en moeder. In een hoek een kinderledikantje. Het kind kan daar niet meer slapen, vanwege de ratten. Er is geen keuken. De huisvrouw doet zelfs de was in de kamer. De kraan is in een vies hok ernaast. Vroeger was dat ook een „woning". Het dak zit vol gaten. Het is geen schoon water dat daardoor naar binnen siepelt. Een petroleumlamp staat op de vensterbank.

Elektriciteit: een ongekende luxe. Het toilet: drie houten schotten in de tuin. De deur kan niet dicht. Dit „huis" was in 1938 al afgekeurd. Nu is het 1953. Er woont een gezin van vijf personen. 

Er zijn veel éénkamerwoningen in Lemmer. Sommige hebben nog een zoldertje. De huizen liggen vaak lager dan de straat. Het is er koud en vochtig.

In één ervan woont een jong gezin, met twee kinderen. De ouders slapen op het zoldertje, rechts als men de trap opkomt. Links kan niemand staan, zonder gevaar te lopen er door te zakken. „Niet de leuning vastpakken om de trap op te gaan. De leuning is vermolmd".
Het jongste kind is anderhalf jaar. Het weegt 18 pond. Chronische bronchitis zegt de dokter. Het is hier te vochtig. Zij gaat een poosje onder de hoogtezon. Maar als zij weer thuis komt ziet zij binnen een week weer wit.

Het beddengoed wordt 's morgens bij de kachel gedroogd. Ook in dit huis lekt het. En 's morgens dweilt de huisvrouw de slakken van de vloer. Er is nog nooit zon geweest. Het uitzicht is op de overburen. 

De overburen wonen in eenzelfde éénkamerwoning. De ouders met negen grote kinderen. Twee bedsteden, een opklapbed en een zoldertje. De keuken is in een stuk van de gang.
In een ander steegje kan men uit zijn raam de overburen een hand geven.
Men moet er opzij doorlopen. Het kamertje is zo klein, dat het bedje van één van de kinderen bijna tegen de kachel aan staat. Het petroleumstel staat in een kast. Anders is het gevaarlijk, voor de kinderen. In plaats van een drempel, een gat. 's Avonds worden daar vodden voor gestopt, vanwege de dieren. Het huis is onbewoonbaar verklaard.

Vriendelijk Lemmer.

Lemmer ziet er zo vriendelijk en schoon uit als men er door rijdt. Wie weet dat er steegjes bestaan zonder uitzicht? Vroeger ging dat wel, op elke vierkante meter een huis. 
Er zijn er genoeg. Bij de Nieuwedijk, de vroegere Jodebuurt. Achter het Waaigat, de Lijnbaan, Pietersbuurt, Achterom.  De Vissersbuuren, één van de beroemde plekjes van Lemmer. En daarachter, gelige krotten en stinksloten. Wie dacht aan zon, riolering?

De burgemeester krijgt mensen op zijn spreekuur. Sommigen schelden, anderen klagen. De burgemeester kan ook geen ijzer met handen breken. Maar hij weet het wel en hij heeft ook al een plan klaar. Het „kom-plan" is klaar. Maar het moet beoordeeld worden en besproken.

Er zijn zoveel krotwoningen in Friesland en in Nederland. Maar het zijn niet alleen maar krotwoningen, honderd of duizend of nog meer. Het zijn bleke kinderen; mensen die met vier of vijf in een bedstee slapen. Het zijn kleren die in de kamer te drogen hangen, die zwart worden van het lekwater. Het zijn slakken en ratten, stinksloten.

Friese Koerier 20-12-1968

Friese Koerier 20-12-1968

Op de achtergrond de achterkant van woningen aan de Verlengde Lijnbaan. In het midden staat een lantaarn, die staat ook op de volgende foto. Dit ter oriëntatie. De straat van de Singel lag een stuk hoger dan de Pietersbuurt. De straat is niet verder uitgebouwd richting Flevostraat

Het eind van de Pietersbuurt. Met links de jaren-50 woningen van de Singel. Op de achtergrond de achterkant van woningen aan de Verlengde Lijnbaan. 

Steven de Jong

Foto van Willem de Boer: (kleinzoon van, Pelle en Mette de Vries). Zelf ook geboren in de Pietersbuurt, tegenover het voddenpakhuis van Berend Scholte. Naderhand (± 1948) zijn zij naar de Singel nr 7 verhuisd.

Het gaat hier om Pelle en Mette de Vries, met hun dochter Johanna (Zusje) en haar man Gerrit de Boer (stoker/machinist op de Jan Nieveen), hun kinderen Wim (Willem), Joost en Gerda en hun nichtje Metsje de Vries.

Foto van Anja Porsinck: Berend Scholten, voddenkoopman van de Pietersbuurt.

Twee foto's van Jenny Lemstra: Berend Scholten

-Aanvulling (1) bij Pelle en Mette de Vries.

Mijn naam is Pelle de Vries oud Lemster. Ben er door familie omstandigheden uit de Lemmer vertrokken, was nog maar net 6 jaar, ik spreek dan over de jaren 40-50. Mijn grootvader die werkte bij het stoomgemaal Tacozijl. En woonde in de Pietersburen, waar ook een oom van mij woonde, die was terug gekeerd uit Duitsland waar hij te werk was gesteld, zoals er meer in die periode. Wij woonden ook aan`t Turfland, maar dan aan de oneven nummering, dit was net zo`n huisje als de nummer 10.. mijn moeder stond dan altijd bij de vaart de was te doen. Daar woonden twee gezinnen in. Wij familie J. de Vries en de familie Visser ( Steven Roet). In 1950 is ons gezin uit elkaar gevallen, door allerlei omstandigheden.

Ik woon nu in Oude Pekela. Heb heel wat omzwervingen gedaan. Maar dat is voor een mailtje een te lang verhaal. Ben er nog wel eens in De Lemmer geweest, heb ook nog familie wonen in de nieuwbouw. Ik vond dit erg interessant en een geweldige mooie site, Met veel mooie foto`s met name de vuurtoren, die we altijd beklommen. De schoolfoto's weet ik niet of ik en mijn oudste broer ook op staan, want er staan niet alle jaartallen bij. Wij zaten in de jaren 48,49,50 op school in Lemmer. Ik zal deze site nog vele malen bezoeken. Mijn complimenten nogmaals. Hopelijk blijft de site nog lang bestaan en wordt deze misschien aangevuld door andere verhalen van oud Lemsters.

Groeten uit Oude Pekela, van Pelle.

-Aanvulling (2) van Corrie Gedaan-Bootsma.

Vanaf 1948 dat ik geboren ben, heeft er heel wat familie e.a. van mij op de Pietersbuurt gewoond, Sien en Jopie Bootsma, Sjoukje en Johannes Poepjes, Zusje en Douwe Visser (geen familie) en Rikus en Griet Vlig (geen familie). Zo hebben we ook nog in het Brobbelsteegje (bijnaam) gewoond. Ik herinner mij jou familie ook nog heel goed, mijn moeder en jouw moeder hadden een fijn contact en voor ons was buurvrouw Bienke een lieve vrouw. Mijn moeder is maar 65 jaar geworden jammer genoeg.

-Aanvulling (3) van Willem de Boer.

Op de Singel, weet ik nog de volgende namen: Boukje Schippers en Hette Sietsma. Zijn later verhuisd naar Wijk bij Duurstede in een woonark. Ben er nog een keer op visite geweest met mijn vader en moeder. Allie vledder-Buurvrouw Aal-Schelte Bles.

In de Pietersbuurt:

Wieke Stuur--Buurvrouw Lum ?--Buurvrouw Sjol ?--Reense Hoekstra dat was mijn vriendje. Ik heb nog een foto waar we op het strand staan, als ik hem gevonden heb stuur ik hem je wel toe. Buurman Verhoef. Werkte later op de pont bij Buitenhuizen, over het Noordzeekanaal. Dan had ik ook nog tante Fokje... Was familie van Pelle en Mette de Vries, ik weet niet zeker als ik goed zit, maar was een dochter van tante Triene en die woonde op de Vissersburen.

Over de winkels weet ik nog: Siep en Anne Vleer hadden een kaas en melkwinkel op de hoek van de Pietersbuurt en Turfland hadden drie zonen Henk, Jan en Andries. Aan de andere kant van de steeg, het kruidenierswinkeltje van Katrine?. De groentewinkel van Meint Deinum (Reade Meint).

  • Reactie van Johan Deinum: Vanaf 1946 drijft Meint Willem Gaasbeek samen met zijn schoonvader Johannes Deinum een groentezaak (fa. Johannes Deinum) in het dubbele pand (A1967) dat Deinum in 1938 van H. van der Bijl heeft gekocht) De winkel van Hak, en niet te vergeten het snoepwinkeltje van Ida. Dan had je het transportbedrijf van de Gebr. van der Bijl, Teunis en Wietse en de zoon van Wietse Meinte.