Achterom, Lemmer |1|

1832, westelijke deel Achterom

Bewoners in 1832

1. Weduwe Albert Beekkerk, huis
2. Harmen Martinus Meiboom, bakker,
huis en bleek
3. School
4. Lemmer, dorp, huis
5. Geert J. van Dijk, koopman, huis en
bleek
6. Tjitske Pieters Brouwer, huis en erf
7. Bernardus Hendriks de Boer, huis
en bleek
8. Armvoogdij, huis
9. Erven weduwe Siebe Pieters de
Boer, huis en erf
10. Jan Willems Driest, schipper, huis
11. Diaconie, huis
12. C.J. van Asma, huis
13. Klaas Jurjens de Rook, koopman,
huis en erf
14. Lubbert Aukes Kok, tapper, huis en
erf
15. Hillebrand Durks Plug, huis
16. Weduwe Jan Bruining, huis en erf
17. Israël Heimans de Jong, huis en
erf
18. Jan Gurbes de Wind en mede erven, huis

19. Jan Gurbes de Wind en mede erven, huis, bokkinghang en erf
20. Weduwe Jan Simmens de Vries,
huis
21. Jurjen Laurens de Rook, koopman,
huis en erf
22. Jurjen Laurens de Rook, koopman,
bokkingdrogerij
23. Harmen Martinus Meiboom,
bakker, stal
24. Nicolaas Koopmans, onderwijzer,
bergplaats
25. Diaconie, armhuis en erf
26. Carst Durks Fortuin, opziener der
waterstaat, huis
27. Weduwe Hendrik Hergaarden, huis
28. Weduwe Kristiaan Jennes
Wagenaar, huis en erf
29. Weduwe Jan Simmens de Vries,
huis
30. Diaconie, armhuis en erf
31. Hendrik Carst Fortuin, bakker, huis
en erf
32. Diaconie, huis
33. armvoogdij, huis
34. Siemen Siebes Visser, huis
35. Johannes Ruurds Wiersma, slager, erf
36. Diaconie, erf

1832, oostelijke deel Achterom

1.  Diaconie
2.  Weduwe Wouter Stoffels van der
Huizen, huis
3.  Rooms-katholieke kerk, huis
4.  Rooms-katholieke kerk, tuin
5.  Rooms-katholieke kerk en erf
6.  Rinke Jurjens de Boer, voerman, huis en erf
7.  Oeble Ages Dijkstra, voerman, huis en erf
8.  Erven Berend Bergsma, huis en erf
9.  Jacob Jacobs Dijkstra, smid, huis en erf

10.  Joodse gemeente, huis
11.  Joodse gemeente, kerk
12.  Joodse gemeente, huis
13.  Joodse gemeente, school
14.  Joodse gemeente, huis
15.  Armvoogdij, erf
16.  Samuel Garzon Blok, huis en erf
17.  Wiebe Gerkes ter Velde, koopman, huis
18.  Johannes Ruurds Wiersma, slager, huis
19.  Iede de Haan, koopman, looijerij en erf

Roze – gebouw met algemeen gebruik. Hier zijn dat het Grietenijhuis (gemeentehuis), het armenhuis (eigendom: Diaconie), school en een gebouw achter aan de Rk-Kerk.

Donkergrijs – kerken. NH-kerk. RK-Kerk en Joodse kerk.
Bruin – pakhuis, stal (naast de bokkendrogerij) of schiphuis.
Blauw – bedrijf. Looierij van Iede de Haan (Weverswal). Bokkendrogerij van Jurjen Laurens de Rook (achter de looierij). Scheepstimmerwerf van Jan Johannes Reijenga (aan het eind van de Schans).
Paars – tuin.

‘De Pôlle was eigendom van de armvoogdij van de hervormde kerk. Spinhúspôlle is het hele eiland (pôlle = eiland). In 1832 was aan het armhuis een Spinhuis verbonden. Op dit kaartje uit 1832 is mooi te zien dat de Spinhúspôlle nog bijna geheel door water omringd is. De bokkinghang was van Jan Gurbes, die in 1812 de familienaam De Wind aannam.

Op de kaart is het voorste perceel door een steeg gescheiden van de achterliggende twee
woningen, beide ook eigendom van Jan Gurbes. Hij had zelf een woning aan de Langestreek. Hij was dus een ondernemende koopman en bezat een recht van beurtvaart op Gorredijk. Jan Gurbes de Wind overleed in 1832.

De bokkinghang werd in 1846 gesloopt en vervangen door een nieuwe. Van 1879 tot 1896 was het perceel eigendom van de gereformeerde kerk. De gereformeerden sloopten de bokkinghang en de achterliggende woning en bouwden een pand dat nog vaak van eigenaar zou veranderen.

Steven G. de Jong.

1894

Tekening van Anne en Saakje Visser

± 1920 - Bovenstaande 4 afbeeldingen van 'Beeldbank'

Het Achterom

De Bewoners van het Achterom in het jaar 1928.

Van oudsher kende de gemeente, behoudens enige uitzonderingen, geen officiële straatnamen.

Vroeger werden de huizen aangeduid met een letter ( G=Vissersburen en Nieuwburen; H=Achterom) en een huisnummer. Wanneer precies de straten officieel een naam hebben gekregen? waarschijnlijk rond 1933.

Achterom en zijstegen 1928.

  • H 76b: E. de Vries, stuurman
  • H 77: L. Coehoorn, visser
  • H 78: K. Atsma, stuurman
  • H 80: K. v.d. Wal, scheepsijzerwerker
  • H 81: R. Visser, visser
  • H 84: W. v.d. Bijl, visser en S. v.d. Bijl, kleermaker
  • H 85a: Marten Vlig, koopman
  • H 89: K. Jongsma, visroker
  • H 90: H. Jongsma, winkelier
  • H 91: M. de Vries, winkelierster
  • H 92: A. de Jong, aannemer
  • H 93a: H. v.d. Meer, molenaar
  • H 93b: J.J. Visser, visser
  • H 93c: A. Toering, visser
  • H 93d: D. Bosma, vishandelaar
  • H 93e: J. Feinstra, koopman
  • H 94: P.H. Vlig, bootsknecht
  • H 96: J. de Vries, visroker en M. de Vries, werkman
  • H 99: W. de Boer, werkman
  • H 101: J. Fleer, visser
  • H 102: G. Zijlstra, werkman
  • H 107: E. de Roos, kapitein
  • H 109: M. Zeilstra, nettenmaker
  • H 111: J. Bosma, werkman
  • H 112: J.A. Visser, visser
  • H 114: P.K. Visser, dekknecht
  • H 115: Douwe en Jacob Tijsseling, vissers
  • H 116: Jelle A. Visser en S. Visser, vissers, later Achterom 30
  • H 118: S.J. Visser, visser
  • H 119: J. Atsma, visroker
  • H 122: A. Visser, dekknecht. Steven G. de Jong, vertelt: Hier woonde (in 1928) het gezin Age Visser x Gepke Scheffer. Zij staan in Spanvis onder Familie Visser. Age is de zoon van (familie Visser: (38) Jan Visser).
  • H 123: B. Kuipers, werkman. Hier woonde (in 1928) de familie Kuipers-Zandstra. (Bouke Kuipers X Boukje Zandstra). De moeder van Elske Kok (Antje Kuipers) woonde dus niet ver van haar broer Bouke Kuipers. Zij kregen vier kinderen: 
  1. Siebe Kuipers X Aaltje van der Gaast
  2. Akke Kuipers X Frans Visser
  3. Anne Kuipers X Jopie Jongsma
  4. Geartsje Kuipers X Tseard Heeres 

Vooraan zitten op de boot Frans Visser en Akke Kuipers

H 124: St. J. Visser, visser. Bouwblok H124-H123-H122 Hiernaast stond op de Weverswal een bouwblok waarin drie kleine woningen. Ook deze waren bezit van de familie Bosma.

Direct naast Meye Bosma op nummer H124 woonde Steven Visser met zijn vrouw Trijntje Vleeshouwer. Steven Visser) (LE 84). Zij zijn de ouders van het kleine meisje Rinske op de foto. Zij woonden er van voorjaar 1924 tot in 1936. De eerste maanden van hun huwelijk (jan,1924) woonde ze in bij de ouders van Steven (Jan Stevens Visser X Rinske Friso) Die woonden tussen de RK-kerk en de boerderij van Huitema.

Steven vertelt: Spelende kinderen voor hun ouderlijke woningen, toen de fotograaf langs kwam. Deze foto is genomen in 1927/1928, bij de Rien en de Weverswal” En was ook in bezit van Elske van der Neut-Kok, zij staat ook op de foto. V.l.n.r: 1 – Antje Kok-Kuipers (de moeder van Elske) 2 - het kind dat achter Antje staat te vissen is slecht zichtbaar en dus onherkenbaar 3 – meisje (±6 jaar) onbekend 4 – Rinske Visser (± 4jaar) 5 – Elske Kok 6 – jongen onbekend

H 125: A. Bosma, timmerman. In het hogere huis H125, woonde Albert Bosma (van de timmerwerkplaats) en later (na ±1928?) zijn zoon Meye Bosma. Albert Bosma werd wethouder en liet een huis bouwen aan de Schoolstraat. (op de hoek aan de Parkstraatzijde, achter de nu gesloopte Openbare lagere school).

Timmerwerkplaats van Albert Bosma.

Timmer/bouwbedrijf van Bosma, 2e van links is Johannes Wagenmakers.

H 126: J.M. Kok, smid. De familie Kok-Kuipers (Jan Kok x Antje Kuipers) woonde op nummer H126 naast de timmerwerkplaats van Bosma, en Elske was hun enige kind. Later trouwde Elske met Van der Neut en woonde boven de mastmakerij op de Polderdijk. Jan Kok was werkzaam in de smederij van Van den Berg in de Beneden Schans.

 Foto van Steven G. de Jong:  Fam Jan Kok x Antje Kuipers en dochter Elske,  van ±1930.

Omstreeks 1936 ging de weduwe Heins, de schoonmoeder van Meye Bosma, in de woning H126 wonen. Dus naast haar dochter. Van huisbaas Bosma moest het gezin Kok-Kuipers naar de vrijgekomen woning H124 verhuizen. Het gezin Visser-Vleeshouwer (H124) vertrok naar Den Oever (Wieringen). De aanleg van de Afsluitdijk en polder was voor enkele Lemster vissers aanleiding om te verhuizen en naar Den oever, Wieringen (3 met de naam Visser) of Makkum (“Jan met de centen”). Om daar hun geluk maar eens te beproeven.

Jelle Visser (Witte Jelle) December 1964

12-1929: In café van Oosten te Lemmer zat op den avond van 4 November zekere J. Visser met zijn neef, toen een viertal andere bezoekers binnenkwam. De 32-jarige Huitte S., de 21-jarige Meindert S., beiden arbeiders te Harlingen, de 29-jarige Sjoerd S., schipper te Lemmer en de 19-jarige Lambertus W., scheepsbevrachter te Heerenveen, maakten al spoedig ruzie met „Witte Jelle" zooals J. Visser wordt genoemd.

De twist vond zijn voortzetting in het „Achterom", een steegje te Lemmer. Drie der verdachten hebben den man tegen een stek gedrukt en afgeranseld.
Alle vier mannen waren min of meer onder den invloed van sterken drank. „Wij hebben anders nooit last met elkaar", vertelt de mishandelde. Verd. Huitte S. zegt dat de „Harlingers" en de „Lemsters" het niet best met elkaar kunnen vinden.

Er is voortdurend ruzie en de een verwijt den ander dat hij van den honger in Lemmer is gekomen. Hem scheldt men altijd voor „blauwkop". Verd. Meindert S. zegt dat hij een paal op het hoofd heeft gekregen. Visser is schuldig aan die euvele daad. Verd. Sjoerd S. ontkent niet dat men van plan was „Witte Jelle" te pakken te nemen. Ook verd. Lambertus W. bekent te hebben geslagen. Visser heeft evenwel ook klappen uitgedeeld.

Get Visser zegt zich te hebben moeten verdedigen. Zijn belagers kwamen drie man sterk op hem af. Get. mej. C. Zeldenthuis, die in het „Achterom" woont, heeft gehoord dat J. Visser riep: ,Ik wil wel vechten als jullie één voor één komt". Hij sloeg met een paal van zich af. Get. A. Visser, visscher te Lemmer, heeft gezien hoe drie der verdachten Jelle Viser hebben geslagen.
De officier van Justitie eischt voor Huitte S., Meindert S. en Lambertus W. ieder f 25 boete subs. 25 dgn. hecht. Voor Sjoerd S. eischt spr. vrijspraak. Mr. Veldman is van meening dat de mishandeling niet is komen vast te staan.

De steeg van het Achterom is bovendien zoo nauw dat er slechts één persoon tegelijk in kan. Get. Visser moet zelf lukraak van zich af hebben geslagen.
Spr. vraagt vrijspraak. Er komen herhaaldelijk conflicten voor in Lemmer. De menschen uit Harlingen worden als onderkruipers beschouwd. De politie daar ter plaatse doet niet wat zij behoort te doen. Vonnis voor Huitte S. f 25 boete subs. 25 dgn hecht.; voor Meindert

De bewoners die bij de nummers van het plattegrondje (uit waarschijnlijk de jaren 50) horen, zijn gevonden door Jilling Kingma, Hillie Lemstra en Geert van de Wal.

Jilling vertelt: Ik begin aan de Noordkant.

No. 97. Hennie Haveman 
No. 93. Siebolt van der Bijl
No. 91. Willem van der Bijl
No. 86. Woonhuis Jacobs
No. 85. Opslag bakker Douma
No. 84. Klaas Atsma
No. 83. Meindert Oebeles
No. 60. Douwe Thijsseling
No. 59. Teade Wouda
No. 58. Jelle Visser (Foekje)
No. 57. Jacob Thijsseling
No. 52. Willem Friso
No. 51. Gees de Jong (pippie)
No. 50. Roel van Slageren
No. 20. Wed. Kaatje Feenstra
No. 23. Gauke Bootsma
No. 24. Pakhuis Sjerp de Wal
No. 25. Kroes (skipper)
No. 26. Sake Bergsma
No. 27. Werkpl. Stoffel Hornstra
No. 56. Sake de (Rus).
No. 28. KlaasWouda (bek en Eagen)
No. 29. Tjalling Kuipers
No. 30. Meinse de Vries

Dan de Zuidkant, aan de Beneden Schans.

No. 113. Klaas Muurling- Vrachtrijder
No. 112. Jan Koopmans Bakkerij
No. 108. Fa.de Groes Pakhuis
No. 106. Wietse Postma (wild jager)
No. 99. Weduwe De Jong Schipper
No. 98. Joost Kuipers (voorn)
No. 87. Johannes de Jong
No. 80. Gebouw Us Honk
No. 61. Arend Toering
No. 62. Stoffel Hornstra 
No. 63. Sake Visser(Tjeake)
No. 65. Armenhuis met Sake tieske baas