Home » Genealogie » Genealogie Visser » Genealogie Visser 11-20

Genealogie Visser 11-20

11: Lupke Visser, (Lupke Franses Visser) geboren op 24 april 1775 te Lemmer, gedoopt op 30 april 1775 te Lemmer, overleden (47 jr) op 4 mei 1822 te Lemmer. Gehuwd op 25 mei 1800 te Lemmer met Pietje Andries de Blaauw, winkeliersche te Lemmer, geboren op 12 december 1775 te Lemmer, overleden (73 jr) op 9 februari 1849 te Lemmer, dochter van Andries Jacobs de Blaauw (herbergier in het Heerenlogement)  en Trijntje Pieters.

Uit dit huwelijk zijn de volgende kinderen bekend.

1. Rinse Visser, geboren op 5 januari 1801 te Lemmer, gedoopt op 18 januari 1801 te Lemmer, volgt onder 17

2. Trijntje Visser, geboren op 25 oktober 1802 te Lemmer, gedoopt op 7 november 1802 te Lemmer.

3. Trijntje Visser, geboren op 6 januari 1805 te Lemmer, gedoopt op 27 januari 1805 te Lemmer.

4. Andries de Blauw Visser, geboren te Lemmer op 18 februari 1808, volgt onder 18


12: Jelle Jacobs Visser, visser, geboren op 12 oktober 1809 te Lemmer, gedoopt op 5 november 1809 te Lemmer, overleden op 29 december 1857 te Lemmer. Gehuwd op 21 mei 1837 te Lemsterland met Nies Libbes Tjalma, geboren op 28 februari 1818 te Oosterzee, dochter van Libbe Hylkes Tjalma* en Aafke Tysses Dijkstra.

Nies Tjalma is op 4 november 1860 met de kinderen vanuit Lemmer, vertrokken naar Den Haag,waar zij op 7 juli 1900 is overleden.

* De erfenis te Sloten.

Toen we onlangs een stukje hadden geplaatst over deze erfenis, werd ons van bevriende zijde de lijst gezonden, waarop al de staken en erven voorkomen. Daar is over zulk een lijst wel een woordje te zeggen, dat men niet alle dagen krijgt te hooren. Hoe zelden toch gebeurt het, dat men bij 't verdeelen van een erfenis de stamouders heeft op te diepen uit een voor-vorige eeuw.

En toch is die tijd nog niet zoo heel ver weg, wanneer men bedenkt, dat de vader van den erflater eerst in 1827 te Oosterzee blijkt te zijn overleden. Deze heette Libbe Hylkes Tjalma.

Libbe Hylkes Tjalma, is eerst gehuwd geweest met Grietje Samplonius, en daarna met Afke Tysses Dykstra. Hij liet negen kinderen na, vier uit het eerste en vijf uit het tweede huwelijk. Uit het eerste huwelijk werden geboren Sietske, Andrea, Hylke en Gerrit en uit het tweede Jentje, Thys, Nieske, Grietje en Afke. Alleen Jentje is ongehuwd gebleven en dit is de erflater geweest, die 27 Juli 1904 te Sloten is overleden. Al de gehuwden hebben van 3 tot 10 kinderen nagelaten, samen 43 in getal en onder de kinderen, klein- en achter-kleinkinderen van deze 43 is de erfenis verdeeld.

Eene Mejuffrouw Visser te 's-Hage is de grootste erfgename geweest met 1/16 deel, en de kleinsten vindt men te Hartwerd met 1/1536 deel. Zoo zijn er een honderd erven, doch het getal nakomelingen is veel grooter, aangezien vele dier erven kinderen hebben, welke niet genoemd zijn.

Bij 't beschouwen der lijst dachten we zoo: wat zou de bovengenoemde, de eenvoudige landbouwer Libbe Hylkes Tjalma van Oosterzee, al een reis moeten maken, wanneer het hem gegeven kon worden al zijn klein- en achter-kleinkinderen eens te bezoeken en wat zou hij dan vreemd opzien tegen de uiteenloopende posities, waarin die allen thans geplaatst zijn en vreemd ophooren tegen de meeste familienamen, want Tjalma's zijn er niet zoo heel veel meer onder zijn kinderen en kindskinderen te vinden.

De vrouwelijke stam toch is vruchtbaarder geweest dan de mannelijke en het vruchtbaarst die van zijn oudste dochter Sietske, van wie 6 staken en 25 erven staan vermeld, terwijl zijne dochter Grietje uit het tweede huwelijk 10 staken en 19 erven telt. Om de nakomelingen alleen van zijn oudste dochter Sietske te bezoeken, zou hij eenige maanden werk hebben.

In Friesland zou hij te Wyckel, Sloten, Nijega, Tjerkgaast, Hommerts, Langweer, Dijken, Bozum, Hartwerd, Jellum, Heerenveen en Leeuwarden moeten zijn. Buiten Friesland zou hij in Gelderland, in Frankrijk en zelfs in het verre westen van Amerika van zijne achter-kleinkinderen vinden. Enkel uit dezen éénen stam. Zelfs zou hij in Amerika een broeder van den onlangs overleden Cooper als een aangehuwd achter-kleinzoon kunnen begroeten. Ook uit de stammen van Thijs en Grietje zijn onderscheidene leden naar onderscheidene staten van Amerika vertrokken.

Wilde hij al zijn verwanten in de Nieuwe Wereld bezoeken, dan zou hij naar Grand Rapid, Roseland, Chicago, Vrieslant in Minnesota, Sioux County in Jowa en zelfs naar San Francisco in Californië moeten reizen. Ook op het eiland Curaçao en te Parijs zou hij van zijne verwanten vinden.

Evenzoo in Noord-Brabant en vele in Noord- en Zuid-Holland, meerendeels te 's-Hage en Amsterdam. Bijzonder is het hoe heel de stam van zijne dochter Nieske, verwant aan de familiën Eibers en van Tricht, is verhollandscht en op één mannelijk lid na (in 1596 vertrokken naar Paramaribo) al sedert jaren heeft gewoond te en bij 's-Gravenhage. De leden van dezen minst talrijken stam hebben het hoogste procent uit oude Jentje's erfenis ontvangen.

Wanneer al de familieleden van Libbe Hylkes eens op een reünie bijeen kwamen, dan zouden de veehouders of landbouwers op die samenkomst verre in de meerderheid zijn. Er zouden een kleine dertig tegenwoordig wezen, meerendeels uit Doniawerstal, Gaasterland, Lemsterland en Hemelumer O. en N. en slechts enkele van de klei en wel uit Hartwerd, Jellum en Jelsum.

Ook zou men er eenige mannen van zaken aantreffen, waaronder een paar olieslagers, een aannemer, een uitgever; voorts een gemeente-ontvanger, een predikant, een dokter, een advocaat, eenige renteniers of personen zonder beroep, een visscher, een bakker, enkele slagers en eenige werklieden. Wij wenschen nog op te merken, dat er geen enkel lid der talrijke familie naar de oostelijke helft der provincie is vertrokken, terwijl er zoovelen zijn te vinden buiten de provincie. Het wijst enigszins den stroom aan der landverhuizing, die zich onwillekeurig richt naar beter oorden, wat betreft bodem of bedrijf.

Wat dunkt u ten slotte, wanneer ge u stelt in de plaats van Libbe Hylkes Tjalma, die tachtig jaren na zijn dood al een vergoten voorvader blijkt bij al zijn talrijke nakomelingen, zoodat we zelfs zijn naam niet eens hebben teruggevonden. Wel wijst de lijst nog eenige Tjalma's aan, maar Libbe Hylkes, zooals hij in zijn tijd bekend was, ontbreekt.

En zijn beide vrouwen zijn al gansch in 't vergeetboek. De tijd voert alles mee op de vleugelen van den wind en tooh „fynt elts him sels sa wird", zegt een zeer oud spreekwoord, _'t welk beteekent, dat elke mensch zich zelf zoo gewichtig vindt.

Zoo'n stamlijst leert ons in tegen- deel, dat we maar een oogenblik meespelen het spel der wereld en spoedig in de vergetelheid verdwijnen.

Nieuwsblad van Friesland : Hepkema's courant: 08-02-1905

In de oudheidkamer van Lemmer, hangt een bronzen medaille met het volgende bijschrift: Op 20 mei 1840 hebben Pieter Stevens Visser, 35 jaar, Rinze Stevens Visser, 32 jaar en Jouke Bootsma, 32 jaar, van de wisse dood gered: Jelle Jacobs Visser, geboren rond 1809 en Joost Jan Riemersma, zij zijn door zware storm met hun aak op de Zuiderzee omgeslagen, de redders werden beloond, met een bronzen medaille en een gouden tien gulden stuk. N.B. Rinze en Pieter Stevens Visser waren neven van Jelle, zonen van Steven Visser en Baukje Jelles Sakema. 

Uit dit huwelijk zijn de volgende kinderen bekend.

1. Liesbeth Visser, geboren op 28 februari 1839 te Lemmer. Gehuwd op 4 november 1863 met Johan Christiaan Elbers.

2. Hessel Visser, geboren op 6 januari 1851 te Lemmer, volgt onder 19 

3. Jentje Visser, geboren op 3 juni 1854 te Lemmer, overleden (85 jr) op 25 januari 1939 te Den Haag.


13: Frans Visser, (Frans Stevens Visser) geboren op 20 mei 1798 te Lemmer, gedoopt op 27 mei 1798 te Lemmer, overleden op 15 mei 1864 te Lemmer. Gehuwd op 2 december 1827 te Lemmer met Kaatje Joostes de Leeuw, koopvrouw te Lemmer, geboren te Gaast in het jaar 1790, overleden (59 jr) op 3 november 1849 te Lemmer, dochter van Joost Pieters de Leeuw en Fettje Tjallings.

Kaatje is eerder gehuwd geweest met Jan Andries Riemersma, op 5 november 1809 te Lemmer, geboren te Franeker in het jaar 1787, overleden op 16 januari 1827 te Lemmer, zoon van Andries Aants (Riemersma), volgens J. Krol (Gens Nostra 52 nr 12) heeft hij, Andries Aants, de naam Riemersma waarschijnlijk aangenomen uit dankbaarheid aan 'Aarnt Riemersma', die overleden is op 15 april 1790 en bij testament een bedrag van 12.000 Car. guldens naliet aan zijn twee oudste kinderen Arend (1785) en Jan (1787) en Metje Jans. Uit het  huwelijk van Kaatje en Jan zijn vijf kinderen geboren; Andries, Fetje* zie 16,  Andries, Joost en Metje Riemersma.

Uit dit huwelijk zijn de volgende kinderen bekend.

1. Baukjen Visser, geboren te Lemmer op 25 mei 1828,  overleden (80 jr) op 21 juni 1908 te Urk. Gehuwd op 4 maart 1852 te Lemmer met Age Jansz Kramer, visser, geboren op 12 december 1825 te Urk, overleden op 15 maart 1896 te Urk, zoon van Jan de Vries Lubbertjensz Kramer en Grietje Arents van Smirnen. Het gezin Age Kramer is op 8 mei 1865 vertrokken vanuit Lemmer naar Urk. 

Een erfenis die niet doorging...

19-10-2006

Op Urker verjaardagen is er al heel wat gesproken over de erfenis van Boukje. Een verhaal dat zich jaren geleden afspeelde op Urk en waar eigenlijk de bovenste steen nooit van boven gekomen is. Zal het mysterie rond de veelbesproken erfenis ooit ontrafeld worden? In ieder geval bood het verhaal voldoende inspiratie voor de komende voorstelling van Urk op de Planken en was het voor plaatsgenoot Gerrit Post (de Balpinne) reden om onderstaand verhaal te schrijven.

Zes jaar lang heb ik het genoegen gehad om dicht bij m’n bessien te wonen, Trien van Boutjen (ze heette eigenlijk Baukje, maar op Urk werd dat Boutjen). Een genoegen, niet alleen omdat ze een gezellig oud mens was – ze was niet verzuurd ondanks de grote slagen in haar leven. Twee volwassen kinderen en een opgroeiende jongen moest ze aan de dood afstaan, haar man vrij vroeg verloren. Ze zei eens: ,,Ik heb wel eens gedacht, nu kan ik nooit meer lachen.”

Een genoegen zei ik, want ze was de moeder van mijn jong overleden moeder, die al in 1935 op 32-jarige leeftijd op het oude kerkhof was begraven. Als je nagaat dat ik van 1932 ben, dan begrijpt u dat ik weinig aan m’n moeder heb gehad. Dat zijn drama’s in een kinderleven. Mijn vader Louwe Post heeft mijn bessien altijd moeten beloven dat zij in het graf van haar dochter moest. En dat is ook gebeurd, in 1960 is Trien van Boutjen bij dochter Boutjen begraven.

Wie was Trien van Boutjen eigenlijk, deze ijverige vrouw die een druk beklant winkeltje had? Als ik deze vraag ga beantwoorden, dan moeten we terug in de tijd naar het jaar 1825. De twaalfde december 1825 werd op het eiland Urk geboren Age Kramer. Deze man was de vader van m’n bessien. Haar meisjesnaam was dus Trijntje Kramer. Mijn overgrootvader is getrouwd te Lemmer op 4 maart 1852 met Baukje Frans Visser, ook genaamd Friese Boutje. Uit dit huwelijk zijn zes kinderen geboren. Als ik die kinderen een voor een ga noemen, dan lijkt dit verhaal saai te worden, maar dan wordt het juist interessant. De eerste twee waren jongens. De oudste was Jan Kramer, geboren te Lemmer in 1855. Jan was visser op de stoomtrawler ‘Dolphijn’ en is op 27 oktober 1900 verdronken op de Noordzee. Deze Jan liet een vrouw en elf kinderen na. Het elfde kind heette Lammertje en werd na getrouwd te zijn met Cornelis Wielsma de moeder van dominee Theo Wielsma. Theo en de schrijver van dit verhaal hebben dus dezelfde overgrootvader gehad. De tweede zoon was Rinze Kramer, visser op de UK 117 en is op 24 oktober 1882 ook op de Noordzee verdronken. Toen Rinze verdronk, leefde vader Age nog want die is in 1896 op Urk gestorven. Als je het boek ‘Zee op’ gelezen hebt, geschreven door Lub Kramer, dan ga je denken ‘het is een wonder dat Age aan de wal overleden is’. Age was een ijverige visser en een onverschrokken zeeman, die zelfs bij stormweer de rust zelve was.

Maar we moeten verder. Het derde kind van Age en Baukje was Francina Kramer, overleden in 1921. Het vierde kind was Grietje Kramer. Deze Grietje was een dame in Urker klederdracht, zo kan ik haar herinneren. Grietje Kramer is getrouwd met Pieter Kramer en uit dit huwelijk werden negen kinderen geboren. Haar oudste heette Geertje en werd verpleegster in het voormalig Nederlands Indië en is in Buitenzorg (Java) getrouwd met Cornelis de Vries, onderwijzer en auteur van Geschiedenis van Urk. Geertje was ook een dame, want ik heb nog een vergeelde brief waarin mijn moeder aan m’n vader schrijft: Morgen komt Geertje van tante Griet, zorg dat de zaak netjes is! Deze Geertje ligt begraven op begraafplaats Holkenkamp. Zoals ik al schreef, deze Grietje had ook nog een dochter die Baukje heette. Zij trouwde met Albert Hakvoort (Albert van Inte). Daar zijn Grietje van Rein Bos en Pieter Hakvoort, oud-raadslid, van afkomstig. Voor ik echter verder ga, even pas op de plaats. Door de soms uitvoerige persoonlijke gegevens probeer ik te bewijzen dat de nazaten van Age Kramer niet van lotje getikt zijn, om zich een erfenis door de neus te laten boren. Grietje Kramer haar zevende kind heette Aaltje en is getrouwd met Philippus ten Napel, hoofd afdeling Financiën van de gemeente Velsen. Tenslotte de laatste twee dochters van Age en Baukje. Die zijn niet in Lemmer geboren, want onze overgrootouders verhuisden naar Urk en daar zijn Klaasje Kramer en mijn bessien geboren. Klaasje trouwde later met Koert Bakker en om enkele namen te noemen: Reinier Bakker de vishandelaar een zoon en Sita ten Bokkel en Jaap Bakker (van de ginkiestochten) waren weer kleinkinderen. Alle kinderen van m’n bessien zijn inmiddels overleden en zijn op het hedendaagse Urk niet meer zo bekend. Misschien alleen tante Aagje nog, de jongste zuster van m’n moeder die met Hessel Korf van de UK 28 getrouwd was.

En ja beste lezers, nu gaat eigenlijk het verhaal van de erfenis beginnen. Ik zal dit summier doen, ook al om het niet te lang te maken, ik kan niet meer schrijven dan mij door m’n bessien is verteld.

Age Kramer overleed zoals ik al schreef in 1896. M’n bessien was in 1893 met Albert Koffeman getrouwd. Dus Friese Boutjen bleef alleen achter. De overgang van Lemmer naar Urk moeten we niet onderschatten, want Urk was een eiland. Toen is het gebeurd na de dood van haar man Age, waarschijnlijk rond de eeuwwisseling, dat er een brief kwam uit Leeuwarden over een grote erfenis. Als men bedenkt dat de armoede groot was op het eiland, sloeg dat bericht in als een bom. Friese Boutjen was tijdens haar Urker verblijf een nuchtere Friezin gebleven. Een historische uitspraak van haar was, als ze het over bepaalde vrome lieden had: ‘Ze hebben een mooi praatje aan de kont, maar ze konden me beter een rijksdaalder geven!’ Zo’n uitspraak moet je zien in het raam van die tijd. Er waren geen sociale wetten en haar man Age had met al zijn ijver niets voor de oude dag kunnen overhouden. M’n bessien vertelde dat haar moeder al een bejaarde vrouw was en niets met die brief te maken wilde hebben. Maar van alle kanten werd er druk op haar uitgeoefend. Haar kinderen en de diakonie van de kerk: Boutje ga naar Leeuwarden!

Maar niet alleen op Urk, ook in de Lemmer had een familielid van Baukje, een zekere Lubke, een brief gekregen. De vreugde in de Lemmer was zo groot, dat het volgende rijmpje in omloop was: ‘Lubke, die kan erven, zalig zal ze sterven, en dan krijgen we een groot fabriek, dan wordt heel de Lemmer riek!’ M’n bessien vertelde me: ,,Zo waarlijk als ik eenmaal voor God moet verschijnen, zo waarlijk is toen Friese Baukje over schotsen en bonken (want het was winter) naar de Lemmer vertrokken en daarna naar Leeuwarden.’’

Het einde van dit verhaal is gauw verteld, in de Friese hoofdstad aangekomen vernam Baukje van de notaris dat er één lettertje aan mankeerde... U begrijpt hoe gedesillusioneerd het gezelschap op Urk terugkwam. Toen Friese Baukje platzak op Urk terugkwam, moet één van haar dochters vertwijfeld uitgeroepen hebben: ,,Ik kon wel als Job een potscherf nemen om me te krabben.’’ Als m’n bessien deze geschiedenis vertelde (op verzoek meermalen) dan zei ze vaak: ‘Geld maakt niet gelukkig, maar je kunt je er kostelijk mee redden.’

Veel vragen blijven er over. Wie was dat rijke familielid? Waar is hij rijk geworden? Wie was die notaris? Meer dan honderd jaar lang zijn er diverse onderzoeken verricht, echter tevergeefs. Er hangt een geheimzinnige waas over dit verhaal. Meer kan en wil ik er niet over zeggen. Toch hoop ik u niet verveeld te hebben.

Bron: www.heturkerland.nl

2. Lupkje Visser, geboren op 23 augustus 1833 te Lemmer, overleden op 2 oktober 1834 te Lemmer.

3. Lupkje Visser, geboren te Lemmer op 5 augustus 1835, overleden (78 jr) op 12 oktober 1913 te Lemmer. Gehuwd op 30 juli 1865 te Lemmer met Jan Andries Spiekholt (d), geboren op 1 mei 1841 te Lemmer, overleden (74 jr) op 31 mei 1915 te Franeker, zoon van Andries Alles Spiekhold en Rinskjen Jans UrkJan Andries Spiekholt, is op 15 mei 1910 vanuit Lemmer vertrokken naar Franeker (Alleen). De rest van het gezin Spiekholt is in Lemmer blijven wonen.

Drie kleinkinderen van Lupkje en Jan Andries, zijn met een Visser gehuwd, respectievelijk: 

  • Rinskje Feenstra, ook genaamd Rees van Kaat, geboren op 3 augustus 1895 te Lemmer, is gehuwd met Steven Visser, geboren op 10 april 1891 te Lemmer, zoon van Andries Visser en Wietsche van der Meer
  • Jan Feenstra, mastmaker en groenteverkoper, geboren op 7 oktober 1897 te Lemmer. Gehuwd op 15 april 1920 te Lemmer met Renske Visser, geboren te Lemmer op 1 april 1899, dochter van Sake Visser en Akke Koornstra.
  • En Gepke Scheffer, geboren op 16 december 1889 te Lemmer, is gehuwd met Age Visser, geboren op 3 juli 1885 te Lemmer, zoon van Jan Visser en Maaike Jongsma.

14: Jelle Visser (Jelle Stevens Visser) visser, geboren op 3 februari 1802 te Lemmer, gedoopt op 21 februari 1802 te Lemmer, overleden (69 jr) op 9 juli 1871 te Lemmer. Gehuwd op 18 maart 1827 te Lemmer met Klara Jacobs de Blaauw, naaister, geboren op 10 oktober 1802 te Lemmer, overleden (78 jr) op 20 januari 1881 te Lemmer, dochter van Jacob Andries de Blaauw (kastelein) en Antje Yskes. (De vader van Klara, Jacob is overleden op 23 september 1806, hij was toen 46 jaar, het gezin telde 6 kinderen. Antje gaat hertrouwen op 10 juni 1807 met Eling Jans, huisman te Oosterzee)

Uit dit huwelijk zijn de volgende kinderen bekend.

1. Steven Visser*, geboren op 10 juni 1828 te Lemmer, volgt onder 20

2. Jacob Visser*, geboren te Lemmer op 17 februari 1831, volgt onder 21

3. Bauke Visser*, geboren op 13 augustus 1833 te Lemmer, volgt onder 22

4. Anne Visser, geboren op 13 juni 1836 te Lemmer, overleden op 22 mei 1863 te Lemmer. Gehuwd op 7 september 1862 te Lemmer met Johanna Andries Hoekstra, geboren op 15 januari 1842 te Lemmer, dochter van Andries Nolkes Hoekstra en Willemke Alberts van Bergen.

5. Baukjen Visser, geboren op 4 juli 1839 te Lemmer, overleden (3 jr) op 14 juli 1842 te Lemmer.

6. Andries Visser*, geboren op 4 april 1842 te Lemmer, volgt onder 23

7. Frans Jelles Visser, geboren op 29 juni 1846 te Lemmer, overleden (3 jr) op 11 november 1849 te Lemmer.

Op 21 februari 1865, raakt er een houten marineschip opgesloten in het ijs voor de kust van Gaasterland, het schip raakte lek, en er werd een noodvlag gehesen. Een aantal mannen van Lemmer ging hier op af, over en door het ijs, om de bemanning te redden. Na een zware tocht slaagden zij er in om de mensen van boord te halen. Voor dit redden werd later een getuigschrift uitgereikt aan Jacob Visser, Bauke Visser, Steven Visser, Andries Visser, Wijbrand Ras, Gerben Bootsma, Jurjen Bootsma en Poppe Gaukes Bootsma. (Uit het boek van A.E.Klijnsma ) in de oudheidkamer van Lemmer hangt het getuigschrift van Jacob Visser.

Bekendmaking j.l op de 21e februari 1865. Ten blijke hiervan wordt aan Jacob Visser het getuigschrift uitgereikt. Koninklijk besluit van den 18 juli 1866. De Minister van Binnenlandsche zaken.

Thorbecke.


15: Pieter Stevens Visser, geboren op 1 juli 1805 te Lemmer, gedoopt op 14 juli 1805 te Lemmer, overleden (42 jr) op 17 maart 1848 te Lemmer. Gehuwd op 27 maart 1842 te Lemmer met Harmina Hendriks Woudstra, geboren te Lippenhuizen, dochter van Hendrik Egberts Woudstra en Aukjen Sjoerds Ponne. (Harmina trouwt op 19 januari 1849 met Age Klazes de Oude).

Uit dit huwelijk zijn de volgende kinderen bekend.

1. Levenloos meisje, overleden op 20 september 1843 te Lemmer.

2. Baukje Visser, geboren op 5 maart 1845 te Lemmer. Gehuwd op 1 augustus 1869 te Lemmer met Jacob Jonker, geboren op 15 mei 1842 te Lemmer, overleden (34 jr) op 15 november 1875 te Lemmer, zoon van Jan Gerrits Jonker en Janna Jacobs Zeldenrust.


16: Renze Visser, visser, geboren op 12 april 1808 te Lemmer, gedoopt op 1 mei 1808 te Lemmer, overleden op 22 september 1859 te Lemmer. Gehuwd op 28 juli 1839 te Lemmer met Fet(t)je (Fetsje) Riemersma*, geboren op 30 september 1813 te Lemmer, overleden op 23 september 1865 te Lemmer, dochter van Jan Andries Riemersma en Kaatje Joostes de Leeuw (koopvrouw)

* Fetje is het stiefkind van Frans Stevens Visser, Frans is een broer van Rinze, zie 13

Uit dit huwelijk zijn de volgende kinderen bekend.

1. Steven Visser, geboren op 27 maart 1840 te Lemmer,volgt onder 24

2. Kaatje Visser, geboren op 9 december 1841 te Lemmer, overleden (15 jr) op 28 augustus 1857 te Lemmer.

3. Baukjen Visser, geboren op 12 mei 1844 te Lemmer, overleden (10 dgn) op 22 mei 1844 te Lemmer. Opm: Tweeling

4. Frans Visser, geboren op 12 mei 1844 te Lemmer, overleden (14 dgn) op 26 mei 1844 te Lemmer. Opm: Tweeling

5. Baukje Rinses Visser, geboren op 8 augustus 1845 te Lemmer, overleden (64 jr) op 15 december 1909 te Lemmer. Gehuwd op 13 mei 1866 te Lemmer met haar neef Andries Visser, geboren op 4 april 1842 te Lemmer. Zie 23

6. Francina Visser, geboren op 10 maart 1850 te Lemmer, overleden (7 jr) op 18 september 1857 te Lemmer.

7. Jan Visser, geboren te Lemmer op 19 juli 1855, volgt onder 25


17: Rinse Visser, (Rinse Lupkes Visser) schippersknecht, geboren op 5 januari 1801 te Lemmer, gedoopt op 18 januari 1801 te Lemmer, overleden op 7 augustus 1886 te Lemmer. Gehuwd op 29 maart 1835 te Lemmer met Antje Jans de Vries, naaister, geboren te Anjum, overleden op 15 april 1874 te Lemmer, dochter van Jan Sijmens de Vries (schipper) en Durkje Cornelis.

Uit dit huwelijk zijn de volgende kinderen bekend.

1. Pietje Visser, geboren op 5 februari 1836 te Lemmer, overleden (83 jr) op 19 april 1919 te Lemmer. Gehuwd op 24 augustus 1862 te Lemmer met Wijbrand Jans de Vries, schipper, geboren te Meppel rond 1830, overleden te Amsterdam op 2 mei 1889, zoon van Jan Fransen de Vries en Sietske Berends de Vries, koopvrouw.

2. Jan Visser, geboren op 20 september 1837 te Lemmer, volgt onder 26

3. Lupke Visser, geboren op 13 april 1839 te Lemmer, volgt onder 27

4. Durkje Visser, geboren op 2 februari 1841 te Lemmer. Gehuwd op 3 juli 1864 te Lemmer met Jan Gerrits van der Zee, schipper, geboren op 5 juli 1834 te Woubrugge, zoon van Gerrit Jacobs van der Zee en Gielke Harmse van der Zee.

5. Trijntje Visser, geboren op 31 december 1842 te Lemmer, overleden (1 mnd) op 31 januari 1843 te Lemmer.


18: Andries de Blaauw Visser, (Andries Lupkes Visser) barbier, geboren op 18 februari 1808 te Lemmer, gedoopt op 13 maart 1808 te Lemmer, overleden (71 jr) op 26 augustus 1879 te Lemmer. Gehuwd op 3 september 1837 te Lemmer met Pietje Jans Witteveen, geboren, rond 1805 te Lemmer, overleden op 27 maart 1894 te Lemmer, dochter van Jan Harmanus Witteveen (kofschipper) en Sijke Willems.

  • Huwelijksakte Lemsterland, 1837
    Man: Andries de Blaauw Visser, oud 29 jaar, geboren te Lemmer
    Ouders: Lupke Franzes Visser en Pietje Andries de Blaauw
    Vrouw: Pietje Jans Witteveen, oud 32 jaar, geboren te Lemmer
    Ouders: Jan Harmanus Witteveen en Sijke Willems
    Datum: 3 september 1837, akte nr. 27

Uit dit huwelijk zijn de volgende kinderen bekend.

1. Lupke Visser, geboren op 11 juni 1839 te Lemmer, overleden op 27 december 1903 te Lemmer. Lupke was ongehuwd.

2. Sijke Visser, geboren op 9 juli 1841 te Lemmer. Gehuwd op 3 mei 1863 te Lemmer met Atze Jans Knol, wagenmaker, ook had Atze een herberg aan de Tacozijl, onder Sondel, geboren op 9 juli 1841 te Lemmer, overleden (57 jr) op 4 december 1898 te Lemmer, zoon van Jan Symens Knol en Janke Atzes Bergsma. (Sijke Visser is op 27 juni 1911 vertrokken naar Ooststellingwerf, Nijeberkoop)

3. Jan Hermanus Visser, geboren op 2 februari 1844 te Lemmer. Jan is op 25 juni 1863 vanuit Lemmer vertrokken naar Hazerswoude, hij was toen nog ongehuwd.

4. Rinze Visser, geboren op 9 januari 1847 te Lemmer, overleden op 6 januari 1915 te Lemmer. Rinze gaat op 10 november 1865 vanuit Lemmer naar Sneek, 12 januari 1866 is hij weer terug in Lemmer, hij vertrekt dan op 14 april 1866 naar Amsterdam, op 14 februari 1872 komt hij weer terug, hij komt dan van Deventer, en gaat inwonen bij zijn zus Sijke en haar man Atze Knol, die een logement hadden, in het logement van Atze werd Rinze kelner. Gehuwd (55 jr) op 22 mei 1902 te Lemmer met Aaltje Alberda, (40 jr) geboren op 20 februari 1862 te Hoornsterzwaag, dochter van Jan Sietes Alberda (veehouder) en Trijntje Oenes Kalsbeek.  Aaltje is op 5 december 1939 vanuit Lemmer vertrokken naar Sneek.


19: Hessel Visser, geboren op 6 januari 1851 te Lemmer, overleden (30 jr) op 11 mei 1881 te Den Haag. Gehuwd op 30 juni 1875 te Den Haag met Dina Adriana van Trigt, geboren op 3 juli 1854 te Den Haag, overleden op 17 april 1882 te Den Haag, dochter van Diederik Arnoldus van Trigt en Maria Cornelia Hoos.

Uit dit huwelijk zijn de volgende kinderen bekend.

1. Dina Adriana Visser, geboren op 15 mei 1876 te Rotterdam, overleden op 29 mei 1962 te Salt Lake City, UT (USA)

2. Nieske Visser, geboren op 5 april 1879 te Den Haag, overleden op 1 maart 1880 te Den Haag.

3. Hessel Visser, geboren op 27 april 1881 te Den Haag.


20: Steven Visser, (Steven Jelles Visser) geboren op 10 juni 1828 te Lemmer, overleden (77 jr) op 27 augustus 1905 te Lemmer. Gehuwd op 13 juni 1852 te Lemmer met Susanne Gerrits ter Velde, geboren op 9 januari 1834 te Lemmer, overleden op 21 januari 1896 te Lemmer, dochter van Gerrit Lazes ter Velde en Beerendina Hanzes.

Uit dit huwelijk zijn de volgende kinderen bekend.

1. Klara Visser, geboren op 21 april 1853 te Lemmer, overleden (79 jr) op 16 mei 1932 te Lemmer, begraven te Sint Nicolaasga. Gehuwd (1) op 21 mei 1876 te Lemmer met Jan Martens van der Heide, postiljon-houder, geboren te Joure op 28 mei 1851 te Haskerland, zoon van Marten Roelofs van der Heide en Trijntje Jans Bakkerus. (Jan van der Heide is overleden op 3 mei 1885, 34 jaar oud. Zijn beroep was toen werkman) Gehuwd (2) op 31 augustus 1888 te Lemmer met Hendrik Bosma, werkman in een visrokerij, geboren op 3 augustus 1857 te Lemmer, zoon van Durk Egberts Bosma en Cornelia Vogelvanger. Zie ook: Klara Visser

2. Jelle Visser, geboren op 26 juni 1855 te Lemmer, volgt op 28

3. Dina Visser, geboren op 6 april 1860 te Lemmer, overleden (66 jr) op 24 februari 1927 te Lemmer. Gehuwd op 20 mei 1880 met Johannes Sterk, visventer, geboren op 17 augustus 1856 te Lemmer, overleden (76 jr) op 30 november 1932 te Lemmer, zoon van Gerardus Anthoons Sterk en Meintje Theodorus Neits.

Johannes Sterk en Dina Sterk-Visser.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.