Home » Lemmer » Vervoer Lemmer e.o. » De tram in Lemmer » De tram in Lemmer (3)

De tram in Lemmer (3)

Het laden van tram en boten.

LC-24 mei 1940 -LEMMER ALS VERKEERSKNOOPPUNT DRUK REIZIGERSVERVOER PER BOOT EN TRAM.

In de toekomst een druk vrachtvervoer?

Wat er dan ook veranderd mag zijn, de zeer buitengewone omstandigheden hebben voor Lemmer in ieder geval één goed gevolg gehad, het is een verkeersknooppunt geworden. Lemmer is op het oogenblik de voorstad van het Noorden. De verbinding Holland-Friesland wordt via Amsterdam en Lemmer in stand gehouden. Iederen dag worden meer dan duizend menschen van en naar Lemmer vervoerd en al hebben we dan ook voornamelijk met een doortrekkend trekkend verkeer te doen, het brengt in ieder geval wat leven in de brouwerij. Nu de booten alleen overdag varen zijn velen in de gelegenheid de drukte gade te slaan en zoo het nu lijkt is het best mogelijk dat we binnenkort een nóg grootere drukte krijgen te zien.

Het is echter niet alleen het passagiersvervoer dat deze grootere drukte zal teweeg brengen. Want ook voor het transport van goederen post en kranten, is Lemmer thans de sleutel van het Noorden. Dat goederenvervoer is nog wel niet zoo heel druk, maar verwacht wordt dat het binnenkort belangrijk zal toenemen. Om over een en ander wat uitvoeriger te worden ingelicht hebben we ons gewend tot den heer G. Grolleman, chef van het station Lemmer der Nederlandsche tramwegmaatschappij. We vonden hem onmiddellijk bereid ons iets te vertellen omtrent het drukke vervoer van de laatste dagen.

"Wordt er voor de verbinding tusschen Holland en Friesland voornamelijk gebruik gemaakt van de bootdiensten" -was onze eerste vraag. De heer Grolleman antwoordde ons dat deze diensten inderdaad bijna uitsluitend de eenige bestaande verbinding vormen. Vooral nu de spoorwegen niet rijden, is men hier vrijwel op aangewezen. Men heeft het ook via den Afsluitdijk geprobeerd, maar dat schijnt niet erg naar genoegen te gaan.

"Verwacht u een tijdelijke drukte of een voortdurende en tijdens de zomermaanden wellicht licht toenemende" -vroegen we verder. Zoolang er geen treinen rijden zal de drukte wel vrij constant blijven was het antwoord en tijdens de zomermaanden in den vacantietijd zal het passagiersvervoer ongetwijfeld nog toenemen. We informeerden vervolgens naar de aantallen passagiers welke er de laatste dagen vervoerd zijn.

De booten varen nu twee keer daags van en twee keer naar Lemmer zei de heer Grolleman en de Holland-Friesland Groningenlijn en de Groninger-Lemmer Stoomvaartmaatschappij werken op dat punt volkomen samen. Náár Lemmer worden er gemiddeld een 500 passagiers vervoerd en van Lemmer met de ochtendboot ongeveer 200 en met de middagboot een 600 passagiers. De aantallen zijn soms ook wel eens grooter, zoo heeft de "Holland" Maandagmiddag 850 passagiers meegenomen en toen bleven er nog bijna honderd menschen staan, die met een extra-boot vervoerd zijn.

"Kunt u ons ook iets vertellen over het goederenvervoer" -was de volgende vraag die we stelden. Het goederenvervoer is tot nu toe buitengewoon gewoon beperkt geweest. Alleen wat zuivelproducten voornamelijk boter zijn vervoerd. Maar als het verzenden van goederen aanstonds weer een beetje los komt, dan kunnen we hier bij de booten en de tram een enorme drukte verwachten, omdat vrijwel alle goederenvervoer dan via Lemmer zal moeten geschieden.

Vervolgens kwam het postvervoer ter sprake. Daar het postvervoer voor het geheele Noorden via Lemmer gaat is dat ook heel druk, werd ons verteld. Vooral in het begin toen gingen er met één boot, soms over de 700 zakken post mee. Later heeft zich dat een beetje gestabiliseerd, er gaan nu gemiddeld met iedere boot 40 a 50 zakken post.

Verder werd ons nog verteld, dat het vervoer van passagiers post en goederen, verder het Noorden in voor een groot deel per tram geschiedt. Als we nu aanstonds de lijn van den Noord-Frieschen Locaalspoorweg, ook nog in gebruik kunnen nemen aldus de chef, dan kunnen we al weer heel wat bereiken. En verder rijdt de bus van Slof ook nog tusschen Joure en Leeuwarden.

Hoe geschiedt het vervoer nu naar den kop van Overijssel vroegen we verder nog. -"Er rijdt nog een bus via Blokzijl naar Zwolle" -was het antwoord. En naar Zuidwest-Friesland? -"In die richting is alles op de fiets aangewezen". -Inderdaad het is al veel gezegd deze dagen de fiets is weer een vervoermiddel van beteekenis geworden. Het verkeer is met dat al weer heel wat jaartjes teruggegaan, maar er wordt van alle kanten gewerkt om een behoorlijke situatie te scheppen.

De ondernemers van de bootdiensten doen hun best. En ook de Nederlandsche Tramwegmaatschappij kunnen we niet dankbaar genoeg zijn, voor het vele dat ze momenteel doet, om er voor te zorgen dat een goed en sluitend vervoerwezen ten gerieve van de velen die daar belang bij hebben, zoo spoedig mogelijk zal ontstaan. We kunnen niet anders zeggen dan dat ze daarin tot nu toe uitstekend is geslaagd.

Lemmer. T.?

1928: De tram, die naar Lemmer rijdt, kwam bij den overweg van de Hooidammen met een melkauto in botsing, tengevolge waarvan de locomotief in de sloot terecht kwam en de auto over den kop sloeg. Gelukkig heeft het ongeval geen slachtoffers geëischt.

Achter de Urkerstraat.

Achter de Urkerstraat.

P. J. Koster. In 1945 werd hij chef in Lemmer, na de opheffing van de tramlijn in 1947 ging Koster naar Leeuwarden.

Conducteur, Imke de Vries.

De sneeuwploeg, voor het sneeuwvrij maken van de wissels en overgangen was mankracht nodig.

Hilda Boesjes-Beljon, vertelt: De linker persoon op de foto is de vader van mijn moeder, mijn pake dus: Hendrik Langenberg machinist op de tram. Ik ken het verhaal dat tijdens WOII ‘zijn’ tram een keer onder vuur is genomen, vanuit vliegtuigen en dat hij een hele poos onder de tram in dekking heeft moeten liggen.

Johannes de Vries vertelt: Soms heb je van die toevalligheden. Woensdagavond hadden we een Henk Langeberg bij radio Lemsterland. Vanmorgen kreeg ik een foto van zijn grootvader in handen. Grootvader Hendrik Langeberg werkte bij de tram als machinist. Hij staat hier in de locomotief op links naast een collega.

Het werken op de tram was in die jaren niet zonder gevaar. " it tramke nei de Jouwer" was toen niet zo idyllisch als Govert Hogeterp het bezingt. De tram werd verschillende keren beschoten. Aan het eind van de oorlog toen de treinstaking uitbrak, ging ook het tram personeel in staking. De familie Langeberg dook onder op verschillende plaatsen van Friesland. Kort na de oorlog woonde Atte Langeberg en zijn vrouw in een keet achter onze banketbakkerij, het is best mogelijk dat Henk daar geboren is.

LC-5 april 1966. Lemmer wil de spoorlijn met Heerenveen behouden.

In Lemmer is enige ongerustheid ontstaan onder de zakenlieden als gevolg van de berichten, dat de Spoorwegen een onderzoek willen instellen naar de rentabiliteit van de spoorweg van Lemmer over Joure naar Heerenveen. Zij vrezen dat de Spoorwegen de lijn willen opheffen en dat ondanks het feit, dat nog maar een jaar of zes geleden de hele lijn is opgeknapt. Volgens de Lemster zakenlieden, moet die investering toen meer dan twee miljoen gulden hebben bedragen.

 

De spoorlijn van Lemmer naar Heerenveen is de voormalige tramlijn, die al lang niet meer voor personenvervoer wordt gebruikt, maar wel is aangepast aan het goederenvervoer. De Spoorwegen komen opnieuw voor kosten te staan nu bij de Séwei bij Joure, een groot verkeersplein wordt aangelegd, op de plaats waar straks rijksweg 43 en rijksweg 38 elkaar zullen kruisen, De spoorlijn zou moeten worden omgelegd en men wil nu nagaan of de uitgaven hieraan verbonden verantwoord zijn, of dat men eventueel moet overgaan tot opheffing van de lijn.

Het zijn vooral Wierda NV Steenkolenhandel en de firma Gebroeders Slump (brandstoffen) de NV Basalt en Bouwstoffen NBM en aardappelhandelaar J. Pars, die er veel belang bij hebben dat de lijn gehandhaafd blijft. Elke dag komt er een trein uit Heerenveen naar Lemmer, die dan na twee uur weer vertrekt. Alleen al Wierda NV krijgt per jaar een 85 ton brandstoffen, via deze lijn aangevoerd -aldus de directeur van dit bedrijf, de heer Van der Heide.

Die brandstof komt in wagons van 25 ton, dat is dus per jaar al 340 wagons alleen voor dit bedrijf. De Gebroeders Slump krijgen per jaar tussen de vier en vijfduizend ton aangevoerd. In totaal krijgt Lemmer per jaar een 20 ton aan goederen uit Heerenveen. Dat zouden dus een 800 spoorwagons van 25 ton zijn. In de praktijk is dat aantal evenwel hoger. In 1962 was het aantal wagons 1238. In 1963 was het 1300 en in 1964 tweehonderd minder. Het valt dus te begrijpen, dat de Lemster zakenlui bezwaren opperen als de Spoorwegen inderdaad met plannen zouden komen om de lijn op te heffen.

Die bezwaren worden volledig gedeeld door het gemeentebestuur van Lemsterland. De spoorlijn loopt tot bijna het nieuwe industrieterrein, dat zeventien hectare groot is en waarvan de helft is volgebouwd en in optie is gegeven onder meer aan de NV Blauwhoed te Amsterdam. Het gemeentebestuur hoopt de lijn nog eens door te trekken naar het industrieterrein en als er ondernemingen interesse blijken te hebben voor Lemmer als vestigingsplaats, dan wijzen b. en w. ook op de gunstige ligging aan weg en water en . . aan de spoorlijn.

Het is ook nog niet zo lang geleden, dat Lemsterland aanzienlijke bedragen ten koste heeft gelegd aan de aanleg van een halfautomatische knipperlichtinstallatie aan de rondweg. Mocht de lijn worden opgeheven, dan zou dat in elk geval betekenen, dat dit voor de Lemster zakenlui een aanzienlijke verhoging van de kosten met zich mee zou brengen en het vestigen van nieuwe industrieën in deze plaats minder aantrekkelijk zou worden. Een vooruitzicht dat noch voor het gemeentebestuur noch voor de gevestigde bedrijven aanlokkelijk is.

De bemanning van de sik met bestuursleden van Lemsterland. Rechts de heer P. A. Burger onder wiens leiding de actie tot behoud van de spoorlijn wordt voortgezet Tweede van rechts burgemeester F. Faber.

LC-8 juni 1968. Lemmer riep de 'oude sik' tot ziens toe.

Laatste rit van de goederentrein op baanvak tussen Heerenveen en Lemmer.

De goederentrein tussen Heerenveen en Lemmer floot gisteren zijn zwanezang. Het vervoer op dit de laatste paar jaar zo veelbesproken lijntje is namelijk met ingang van maandag gestaakt. In Lemmer waar men krachtig voor het behoud van deze verbinding heeft geijverd koestert men overigens nog de hoop dat de stopzetting van de dienst slechts van tijdelijke aard is. De locomotief van de laatste trein een zogenaamde locomotor (in de volksmond de sik) kreeg gisteren dan ook een paar forse spandoeken op zijn flanken met het opschrift "Tot ziens oude sik".

Woorden van gelijke strekking werden er te Lemmer gesproken vlak voor het vertrek van de laatste trein. De voorzitter van de Vereniging van Bedrijven Lemsterland de heer P. A. Burgers wenste de sik die de gemeenschap vele jaren zo’n geweldige dienst heelt bewezen een goede vakantie toe. Want wat een hoop mensen denken dat de trein nooit zal terugkeren zal niet gebeuren aldus de heer Burgers. De sik krijgt een verplichte vakantie van zo’n maand of vijf en in die tijd krijgt zijn baas de gelegenheid de moeilijkheden wat de baan betreft op te lossen.

Eigenaardig.

De burgemeester van Lemsterland de heer F. Faber, meende ook dat men er maar van moest uitgaan dat de sik een tijdje vakantie kreeg. De pogingen om de lijn te behouden zijn nog niet ten einde en de moed om verder te vechten is nog in ruime mate aanwezig aldus de burgemeester. Hij vond het eigenaardig dat de dienst wordt stopgezet op een moment dat er in Friesland op nieuwe railverbindingen wordt aangedrongen. In deze pleidooien zie ik aldus de spreker ook een steun voor de pogingen van Lemsterland inzake het behoud van de baan. ?Ik wil de moeilijkheden van de Spoorwegen niet onder tafel vegen maar men mag de waarde van een railverbinding niet onderschatten.

Wij houden moed en blijven strijden voor de baan in het belang van Lemmer en Lemsterland. Nadat de heer H. van der Heide de directeur van de Brandstoffenhandel Werda (Wierda?) de machinist en de rangeerder dank had gebracht zette de sik met vier lege wagons zich in beweging. Een groepje van 30 mensen - bestuursleden van de Vereniging van Bedrijven, de burgemeester en een wethouder, enkele klanten van de NS en wat werklieden - wuifde de laatste trein uit. Eén van de aanwezigen bood de heer Burgers een zakdoek aan maar die wees hij lachend van de hand. Een begrafenisstemming heerste er dus niet bij deze laatste rit.

Voorbij.

Ook de beide bemanningsleden van de sik de 44-jarige voorman-rangeerder E. Keuning en de 43-jarige rangeerder A. H. Gielstra gingen kennelijk niet erg gebukt onder het afscheid. Ze vertelden dat ze het wel wat vervelend vonden Heerenveen te moeten verlaten maar ja dat was nou eenmaal niet anders. De heer Keuning gaat naar Delfzijl hetgeen voor hem promotie betekent en de heer Gielstra krijgt een baan bij de NS in Veendam.

Maandag gaan ze nog een keer met de sik plus een directiewagen op en neer naar Lemmer met enkele heren van de directie en de inspectie van de Spoorwegen en dan is voor hen de periode Heerenveen Lemmer definitief voorbij. De heer Burgers denkt de mannen en in elk geval de stik terug te zien.

Weliswaar heeft zijn Vereniging van Bedrijven het beroep inzake de schorsing van het besluit tot het staken van de dienst verloren maar er loopt nu ook nog een beroep tegen een opheffing van de baan. Dat beroep zal waarschijnlijk pas over een maand of vijf behandeld worden en pas dan kan de trein naar Lemmer weer gaan rijden, meent de heer Burgers.

Op grond van verschillende zaken is hij namelijk vol vertouwen in de goede afloop van de behandeling van dit punt in de Raad van State. Hij zegt straks met meer en betere gegevens de zaak te kunnen verdedigen en dan zoveel argumenten ter tafel te kunnen brengen, dat de uitslag ten gunste van Lemsterland moet uitvallen. Ja ik ben heel erg optimistisch op dit punt aldus de voorzitter van de de Vereniging van Bedrijven drijven "Lemsterland" die als een leeuw voor de baan gevochten heeft en nog niet van plan is op te geven.

Maar of zijn hoop en optimisme overal langs de lijn worden gedeeld moet worden betwijfeld. In elk geval in Doniawerstal en Haskerland niet in die gemeenten heeft men zich niet eens de moeite genomen de sik even uit te luiden. Men zag hem daar liever gaan dan komen.