Nieuwburen 1

Dit pand is in 1907 afgebroken om plaats te maken voor het postkantoor wat in 1908 gebouwd werd (er stond nog een pand/woning naast wat ook gesloopt is)

Idem

Idem voorkant

Bouw van het postkantoor aan de Nieuwburen in 1908

Het gebouw staat nog in de steigers, het meeste metselwerk is klaar. Boven wordt nog gewerkt aan het torentje dat op het dak stond ten behoeve van het telefoon en telegraaf verkeer. In alle richtingen liepen lijnen vanaf het torentje over Lemmer.

Het is jammer dat dit indertijd afgebroken is, volgens berichten zou dit om veiligheidsredenen zijn gebeurd. De manier van bouwen zou tegenwoordig niet meer mogen, de hoge open steiger de lange lader met opgespijkerde treden, dat lijkt mij niet direct een veilige manier van werken.

Het is ook best mogelijk dat de ladder uit twee delen bestond en met een touw aan elkaar geknoopt. Zoals op veel oude foto′s is ook hier iedereen die in de buurt was naar de plek gekomen, waar een kiekje gemaakt werd.

Links is te lezen op het bord "Lemster Radio Centrale" waar Fedde Schurer, voorzitter van was en waar hij het verzoekplatenprogramma MusicWille presenteerde.

Omschrijving van Johannes de Vries: Deze week bracht Geert van der Wal mij wat gegevens over het postkantoor in Lemmer. 'Prachtig in de kom van Lemmer gelegen' noemt hij het. Daar kunnen we het allemaal wel mee eens zijn.

Op 28 September 1906 werd de bouw van dit kantoor gegund aan de laagste inschrijver, G.S. Kijlstra in Drachten. De aannemingssom was fl. 27.983.--. Het gebouw werd op 8 Mei 1908 in gebruik genomen. De ontwerper ervan was de Rijksgebouwenmeester. Zijn naam weten we op dit ogenblik niet. Het ontwerp werd gemaakt naar het voorbeeld van het postkantoor in Joure. Er moest alleen meer ruimte in zitten.

Geert van der Wal bracht mij wat historische gegevens over het Lemster postkantoor. 'Prachtig in de kom van Lemmer gelegen', zoals hij het noemt. Daar kunnen we het allemaal wel mee eens zijn. Op 28 september 1906 werd de bouw van het kantoor gegund aan de laagste inschrijver, G.S. Kijlstra van Drachten. De aannemingssom was fl. 27.983. Nog geen twee jaar later, op 8 Mei 1906, werd het gebouw in gebruik genomen. De ontwerper ervan was de Rijksgebouwenmeester. Zijn naam is nog onbekend. De opdracht was dat het kantoor in Joure als voorbeeld moest dienen. Er moest alleen meer ruimte in zitten.

De brieven voor Lemmer moesten voortaan niet meer via Amsterdam maar via Heerenveen verzonden worden. Die weg over Heerenveen was overigens niet de enige weg waarlangs de post in Lemmer terecht kwam. Uit gegevens blijkt dat in 1887 de postrit Zwolle - Blokzijl werd doorgetrokken naar Lemmer. Een ander wetenswaardigheidje is dat in 1901 de tram Joure - Lemmer ook werd gebruikt voor postvervoer, de Rijdende Trampost. De post werd door de besteller onder het rijden van de tram gesorteerd.

We kunnen het wel heel toevallig noemen, maar op de laatste van de foto's die Boukje Meijer mij bracht staat het postkantoor ook. In de steigers. De foto moet dus tussen 1906 en 1908 gemaakt zijn. De manier waarop het steigerwerk hier in gebruik is zou nu vast niet meer toegelaten worden. Het is jammer dat we niet van de overkant op het gebouw zien, dan wisten we beter in welk stadium de bouw is. Het zicht op het kantoor is ook nog minder doordat er gebouwd werd achter de rooilijn van wat er al stond.

Op de voorgrond zien we een stukje van ons huis. 'Rijwielen en motoren, reparatiewerkplaats, K. Veenstra A.zn.' vermeld het uithangbord. Dat was dus in de tijd dat Keimpe Veenstra hier in fietsen en dergelijke handelde. De man werd 'Daarom' genoemd en we vinden hem onder die naam ook terug in het boekje 'Ach, ach, flau Bouk'.

In het volgende pand, later getrokken bij de textielzaak van Van Schoot, zal toen de familie Jorna gewoond hebben. Ik meen dat die meer in de juweliersbranche zaten. Het uithangbord van Van Schoot meldt dat er bedden, matrassen en manufacturen te verkrijgen zijn. In het hotel zit hier nog de familie Van der Hoff. Verderop is eigenlijk alleen het tegenwoordige pension duidelijk zichtbaar, toen vast nog bewoond door de familie Sleeswijk. Op de achtergrond de toren van de Gereformeerde kerk, een beetje aan het oog onttrokken door hoge bomen.

Mej. A. Romkema, uit Groningen, vertelt: Op deze foto van de Nieuwburen van omstreeks 1917, stond de heer M. van Zandbergen, geheel rechts voor z'n winkeldeur. Ik kan hem mij nog goed herinneren met z'n zwartzijden pet op.

Wat zijn we vaak in de winkel geweest om boter en kaas. Hij maakte van de boter altijd een torentje en met een plankje waarin figuren zaten maakte hij het dan mooi op. Hij had ook wel kruidenierswaren te koop, want ik weet nog goed dat m'n zusje in de mobilisatietijd 14-18 eens een ons cacao moest halen. Toen had hij niet anders dan cacao met suiker er door. Mijn zusje zal wel gedacht. hebben: dat is voordeliger en ze nam meer mee dan gezegd was. Blij ging ze er mee naar huis, maar dat viel erg tegen, want er zat meer suiker dan cacao in en het kostte ook nog dubbele bonnen.

Verderop zie ik de winkel van IJlst met uithangbord, waarop stond: Heerenkleermakerij, Hoeden en Petten, H. IJlst. Dan aan de overkant Hotel van der Hoff, waar we als kinderen heerlijke uurtjes hebben doorgebracht op de schommel en wip achter in de tuin, waarbij de ouders dan rustig konden zitten koffie of thee te drinken. De drogisterij Plantinga en de zaak Bijlhout, dan de bakkerij van Brouwer. Het heeft zeker flink geregend, gezien de plassen op de straat en de dames gewapend met een paraplu.

Echt ouderwets gezellig nog dat schip varende door de Rien. Dat herinnert ons allemaal nog weer opnieuw aan onze jeugd, toen we nog in Lemmer woonden. We zijn heel wat keertjes op de Vissersburen geweest, toen onze grootouders er woonden.

De kappers

Johannes de Vries vertelt: Officieel is het een opname van het postkantoor, maar de omgeving staat er dan automatisch bij. Geheel rechts een klein stukje van de familie Visser. En dan ons huis, met de oude dakkapel de goot met blokjes, en de brede plank met Brood, koek en beschuit.

Het valt mij vaak op, dat in die tijd in de reclame beschuit naar voren werd gebracht. Dat product nam toen, net als roggebrood, een veel grotere plaats in het assortiment van de bakkers in dan tegenwoordig. De panden van Van der Schoot, zien er uit zoals we die hebben gekend tot aan de nieuwbouw van Dijkstra. Alleen de etalages aan de rechterkant waren later heel anders ingedeeld.

Het postkantoor draagt hier het torentje nog. Ik meen mij te herinneren dat al die dwarsbalken die hier te zien zijn, vol zaten met potjes die zo genoemd werden van waar de draden alle kanten uit liepen. Dat was nog in de tijd dat alle gesprekken nog door een draad gingen. Dat speelde ook mee in de tijd dat we van radiocentrale overgingen op een eigen toestel. Om de signalen goed op te vangen moesten er eigenlijk draden van de antenne naar het dak van de buren lopen.

Zo′n draad naar het dak van Van der Schoot was geen probleem, maar omdat we in onmin leefden met de familie Visser, moest er een andere oplossing gevonden worden, geen nood een draadje van de centrale bakkerij was zo gespannen. Voorbij het postkantoor zien we de zijkant, van wat nu de groentewinkel is, maar waar Oosten toen gevestigd was. Op de muur wordt aan verkondigd dat daar koloniale en grutterswaar te koop zijn, en verder koffie thee tabak en sigaren.

Hier is het politiebureau en de sociale dienst in gevestigd geweest