Margrietsluis

Voor de totstandkoming van de Prinses Margrietsluis bij Lemmer moest alle scheepvaartverkeer, dat over Lemmer de provincie wilde in- of uitvaren, de zogenaamde Lemstersluis in Lemmer passeren. Deze sluis, die in 1884-1888 is gebouwd en die voor het dorp Lemmer van de grootste betekenis was en ook nu nog van betekenis is voor het dorp, hoewel uiteraard een belangrijk deel van het scheepvaartverkeer thans door de Prinses Margrietsluis wordt afgezogen, is in onderhoud en beheer bij het waterschap de Lemstersluis.

Gezien de nieuwe situatie, menen Gedeputeerden, dat nu de tijd is gekomen het waterschap de Lemstersluis op te heffen en de werken en bezittingen van dat waterschap over te dragen aan de gemeente Lemsterland.

Naar de mening van de heren Krijger en H. Visser Wzn., leden van de commissie die deze zaak hebben bestudeerd, zou het aanbeveling verdienen, dat het tegenwoordige sluispersoneel, dat door jarenlange ervaring zeer deskundig is, voor zover het niet in zijn betrekking kan worden gehandhaafd, werkzaam wordt gesteld bij de nieuw gebouwde sluis.

Niet alleen de belangen van dit personeel, maar ook de beheerder van die nieuw gebouwde sluis en de schipperij zouden daarmede zijn gebaat, terwijl tevens wachtgeld zou worden uitgespaard.
(De geschiedenis van de Lemster sluis — reeds in 1511 is er van een sluis daar ter plaatse sprake — is op schrift gesteld door de heer A. Schrijver, hoofd van de vierde afdeling van de Provinciale Griffie).

De aanleg van een nieuwe sluis in Lemmer, 1949

Niet te veel parlevinkers bij Lemster sluis.

In het belang van de veiligheid van het scheepvaartverkeer en ter voorkoming van vertraging bij het schutten, is bepaald dat de sluisterreinen van de Prinses Margrietsluis verboden terrein is voor onbevoegden, merken Gedeputeerden op.

Aan de andere kant is het zo, dat nu de nieuwe sluis is geopend, ettelijke neringdoenden in Lemmer hun debiet in meer of mindere mate hebben verloren. Om daarin te voorzien, willen enkelen door middel van parlevinken daarin voorzien. Nu bestaat er tot dusver voor het drijven van handel op de provinciale vaarwaters geen beperkende bepalingen.

Het is evenwel van belang, zeggen Gedeputeerden in hun voorstel om deze zaak te regelen, en voor een ordelijk verloop van de scheepvaart noodzakelijk, dat het aantal parlevinkers nabij de Prinses Margrietsluis en in de nabijheid van kunstwerken in de vaarwaters in het algemeen, beperkt blijft.

Ten aanzien van het parlevinken in de nabijheid van de Prinses Margrietsluis b.v. is onze aanvankelijke mening, dat 2 of 3 parlevinkers in de nieuwe voorhaven, gelegen tussen de sluis en het IJsselmeer en een gelijk aantal in het binnen-toeleidingskanaal, gelegen tussen de Groote Brekken en de sluis, als het hoogst toelaatbare aantal moet worden beschouwd. Gedeputeerden stellen nu voor om het reglement van politie in die zin aan te vullen.

Omschrijving van Evert de Vries: Nu eens een paar opnames van de Prinses Margrietsluis. Het meest opvallende is het volume van de binnenschepen. Wat vonden we die al groot en wat zijn ze klein in verhouding tot de schepen die nu gebruik maken van deze sluis. Toch komen er tegenwoordig ook kleinere schepen door, nu de sluis ook open is voor pleziervaart. Van dat laatste heeft Lemmer veel schade. De keuze is ook niet zo moeilijk voor een pleziervaarder. Gratis rechtstreeks naar het IJsselmeer of voor vijf euro door Lemmer met zijn bruggen en sluizen. Het is te hopen dat we op korte termijn het sluis- en bruggeld kunnen afschaffen.
Dan krijgen we de mensen die de voorkeur geven aan een 'toeristische route' weer door en hopelijk ook in ons dorp, aan beide kanten van de sluis is het nog allemaal leeg en kaal. Op links geen sluiswachterswoningen maar alleen de schipperswinkel van gebroeders Hoekstra, vader en oom Hoekstra. Aan de rechterkant is alleen in de verte de boerderij van Postma te zien.

Er kwam een omslag in die handel. Voor mijn gevoel heel lang geleden- het zou nog wel eens voor de oorlog geweest kunnen zijn - viel het besluit dat het nieuwe kanaal niet bij Stavoren maar bij Lemmer in het IJsselmeer zou uitmonden. De vlaggen gingen uit om dat Lemmer deze slag gewonnen had. Dit zou onze redding worden na de teruggang van de visserij als gevolg van de afsluiting van de Zuiderzee.

Toen de vaarverbinding na verloop van vele jaren uitgevoerd werd viel het tegen. De afstand naar Lemmer was te groot. De provincie wilde ook niet te veel handelaren op de sluis. Voor de melkhandel kregen de broers Roel en Siemen Hoekstra toestemming. Van de bakkers werd het Pieter Frankema, zij kregen een winkeltje op de Prinses Margrietsluis, waar zij om beurten aanwezig waren.

Toen Frankema, zijn bakkerszaak verkocht had gingen de Hoekstra’s verder met de inmiddels vrij uitgeroeide handel. Totdat de provincie besloot dat het afgelopen moest zijn met deze soort verkoop. Er kwam toen een ark nabij de sluis te liggen. Dit sloeg niet aan bij de schippers, die de oude toestand hadden willen behouden. Hun oude bekenden waren vervangen door mensen uit de omgeving van Amsterdam die daar een jachthaven beheerd hadden. Beste mensen, maar de meeste schippers wilde hun reis zo vlak voor of na de sluis er niet voor onderbreken. De Ark was dan ook weer snel verdwenen.

Ondertussen zijn er al weer heel wat jaren verstreken en bij de Margrietsluis is ook weer het nodige veranderd. De brug over het kanaal is vervangen door een hogere en met de gratis passage is dit nu de grootste concurrent voor de doorvaart door Lemmer voor de pleziervaart geworden. Het is nu maar de vraag wie of indertijd de meeste reden hebben gehad om de vlag uit te steken, de winnende Lemsters of de verslagen inwoners van Stavoren.

1957

Meer schepen door oude sluis Lemmer.

1960: LEMMER — In 1959 werden er in de oude sluis te Lemmer 8.038 binnenschepen van gezamenlijk 955.612 ton geschut tegen 6.961 van in totaal 790.821 ton in 1958. In het voorbije jaar passeerden voorts 1.392 pleziervaartuigen tegen 1.016 in het daaraan voorafgaande jaar.
Wat de binnenvaart betreft is hier dus sprake geweest van een toeneming van 1.077 schepen en 164.791 ton. Voorts werd er voor de watersporters 376 maal vaker geschut dan in 1958.

Dit meerdere aantal pleziervaartuigen in 1959 moet waarschijnlijk aan de mooie zomer worden toegeschreven, doch de voor Lemmer verheugende toeneming van het binnenvaartverkeer is zonder twijfel te danken aan het feit, dat de sluis in juni van verleden jaar tolvrij werd gemaakt.
Daar de schippers gedurende de weekends bovendien vrijstelling wordt verleend in Lemmer havengelden te betalen heeft de vaart door de oude sluis voor hen in vele gevallen aantrekkelijke kanten. In elk geval is gebleken dat de oude sluis ondanks de „concurrentie" van de Prinses Margrietsluis nog steeds een belangrijke schakel is in het scheepvaartverkeer.

-In 1997 startte Rijkswaterstaat, directie IJsselmeergebied, met het project Vaarweg Amsterdam-Lemmer. De uitvoering gebeurt in verschillende etappes; het laatste traject - de aanlooproute tot de Prinses Margrietsluizen bij Lemmer - wordt pas na 2010 aangepakt.

Bij de Prinses Margrietsluizen in Lemmer was het aanmerkelijk drukker dan in 1998. Dit geldt zowel voor het aantal schepen (van 21.000 naar 23.000), als het laadvermogen dat met 3,5% steeg naar 22.3 mln. ton. Ook het vervoer van containers is behoorlijk gestegen. Er werden 71% meer containers geteld. Dat betekent dat in 1999 er zon 37.542 containers deze sluizen passeerden. In container lengtes uitgedrukt, betekent dat een groei van 89% naar 54.000 TEU.(TEU is het begrip voor een containerlengte van 20 voet). Vooral het vervoer van de grote zee containers zit behoorlijk in de lift. Bij de kustvaart bleef het aantal schepen evenals in 1998 steken op 82 stuks maar daalde het laadvermogen met 40 % tot ca 33.000 ton.

Detailfoto van bovenstaande


PDF
Prinses-margrietkanaal.
PDF [12.0 MB]
Download (6 downloads)

zboek-1.jpg

Aan de oevers van de vaarweg Lemmer-Delfzijl schrijven op vrijdag 1 september 2006 100 biografen de Biografie van de vaarweg Lemmer-Delfzijl. Als landschapsschilders van het woord bemensen 100 schrijvers één dag 100 observatieposten langs de hele vaarweg. Onder hen bevinden zich bekende, landelijk opererende schrijvers, maar ook regionale en lokale specialisten, Friestalige- en Groningstalige schrijvers. De observaties die aan het papier worden toevertrouwd, worden gebundeld in de Biografie van de vaarweg Lemmer –Delfzijl, die eind 2006 verschijnt. De biografie is een project van grafisch vormgever Vanessa van Dam en beeldend kunstenaar / publicist Sjaak Langenberg. Het is een onderdeel van het kunstproject WOORDENSTROOM dat in opdracht van de provincies Groningen en Fryslân wordt uitgevoerd, de organisatie van het project wordt ondersteund door Keunstwurk.