Strand |1|

Deze foto is in 1932 genomen achter het Witte Húske. Dat was in de tijd dat de Zuiderzee nog niet afgesloten was. Waar later het strand kwam en het industrieterrein. Op de achtergrond ligt Lemmer.

Van links naar rechts zien we Roelof de Heij, Willem van der Veen, Gooitzen Noppert, Theunis Bijlsma, Schelte Haagsma en Hielke Hoekstra.

Foto van Wouter van der Meer: V.l.n.r. Wouter van der Meer, ?, zoon meester Zuiderveld. Jetty, Martha, Obe, Cor en Jetty van der Meer.

Foto van Wouter van der Meer: V.l.n.r. Sije, Anneke, Obe, Nammie en Riek.

1953: Friesland heeft ondanks z'n kilometers lange kust, betrekkelijk weinig strand. Jaar in jaar uit trekken Friezen naar Zandvoort en Scheveningen om op het gele strand te genieten van zee en zon. Friesland heeft immers geen strand en zal het ook wel nooit krijgen.

Kunstmatig strand.

In Lemmer heeft men echter deze "It is net oars - mentaliteit" van zich af kunnen schudden. In de hoek tussen de Westelijke havendam en de vroegere zeedijk, vormde zich in de loop van de jaren een ondiep gedeelte, dat door de verlaging van het peil van het IJsselmeer nog ondieper werd.
Op een gegeven moment was het mogelijk een flink stuk "zee-waarts" te lopen, zonder het leven er direct bij op het spel te zetten.
In die tijd begon een plannetje te rijpen, dat langzamerhand vastere vormen ging aannemen. Men werd het er over eens, dat een kunstmatig aangebracht strand heus wel perspectieven bood.
Lemmer zou hierdoor een veilige badgelegenheid krijgen voor z'n eigen bewoners en in het beste geval zou zich op den duur een zeer bescheiden badcentrum kunnen ontwikkelen.

Driekwart hectare.

In 1952 werd met de aanleg begonnen, om de nodige grond te krijgen, liet de Nederlandse heide-Maarschappij een eindje uit de kust graven, dat zoals de foto aangeeft, met kipkarretjes over rails naar het object, vlak onder de wal, werd getransporteerd.
Ontegenzeggelijk een aardig schouwspel. Gelaarsde arbeiders achter door het water rijdende karretjes. Maar het strand groeide op deze manier niet zo bar snel. In 1952 kwam het werk niet klaar, zodat na de winter andermaal de spa ter hand werd genomen.
De Lemsters vroegen zich af, of er geen doeltreffender manier is te vinden om tot hetzelfde resultaat te komen. Zou een zandzuiger geen sneller en beter werk hebben gemaakt? Maar wie zou dat kunnen betalen?

Wanneer het werk straks klaar is, zal de vreugde op de driekwart hectare badgrond de aanleg-misère gauw doen vergeten.

Foto van Alfred de Vries: Strand Lemmer, vanuit de vuurtoren 1959, gemaakt door de vader van Alfred.

Zomer 1955

'De stjonkhoeke' Voor de ouderen onder de Lemsters en oud Lemsters roept de titel herinneringen op aan gelukkige jeugdbelevenissen, hoe vreemd dat voor anderen op 't eerste gezicht ook mag zijn. Want bij de 'stjonkhoeke'(stinkhoek voor niet Friezen) denk je in de eerste plaats aan minder prettige dingen, maar het gaat over het enige strandje dat wij toen hadden.

De 'stjonkhoeke' ontleende zijn naam aan het feit dat er een of twee keer per jaar wel eens een bruinvis (plm. 1 meter lengte) aanspoelde en daar dan tot ontbinding kwam, waarbij je de stank vrij ver in de omtrek kon ruiken. De reinigingsdienst van de gemeente zorgde er dan voor dat het kadaver zo spoedig mogelijk werd opgeruimd.

De 'stjonkhoeke' lag op de plaats waar later de Vuurtorenweg ter hoogte van de voormalige tramhaven een scherpe hoek maakte. Vooral in het najaar werd het strandje daar omzoomd met een rand van zeewier, waarin veel krabben en garnaaltje. Het was voor de jeugd een leuke speelplaats, met de grote basaltblokken tegen de dijk aan. Ook spoelden er veel schelpen aan die aan kippenhouders werden verkocht. In later jaren werd de 'stjonkhoeke' uitgebreid tot een groter strand en nog later werd het een onderdeel van het industrieterrein.

Een afdruk uit de tijd dat de recreatie in Lemmer nog maar heel voorzichtig op gang kwam. Waarschijnlijk is de eigenlijke camping 't Ooievaarsnest vol geweest en is hier uitgeweken naar een stukje land ernaast. Wat er staat zijn allemaal tenten. Van allerlei model, nog geen caravan te zien. Op de achtergrond de boerderij Villa Nova, voordat Villa Nova afgebrand was, woonden Piet en Aukje Kortstra-Koopmans er, die de boerderij overgenomen hadden van pake Folkert Koopmans. Dat lange gebouw meer naar rechts was van Jelte de Jong zijn bedrijf of opslag in (Lange Jelte). Wat was iedereen enthousiast over deze recreatieve ontwikkeling. De venter van Evert de Vries 'Epke Werkman' ging daar in de vakantietijd altijd met brood naar toe, héél vroeg, hij moest de mensen vaak nog uit bed roepen. Een bakfiets met brood was hij daar zo maar kwijt en dat moest allemaal aan de kant zijn voordat hij aan zijn eigen klanten begon. Die moesten weer op tijd bediend worden want dan moest Werkman in een andere rol verder, als melkcontroleur.

1955

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.