Elfstedentocht 1956-1963

1956

14 februari 1956.
Matige vorst. Matige wind.
Slecht ijs.
259 wedstrijdrijders aan de start, 109 geklasseerd.
6.070 toerrijders, 4.739 volbracht.
Winnaar: Jeen Nauta uit Wartena, Jan van der Hoorn uit Ter Aar, Aad de Koning uit Purmerend, Maus Wijnhout uit Lisserbroek en Anton Verhoeven uit Dussen. (Niet erkend als winnaar.)

Vijf winnaars 1956 niet erkend.

Net als in 1933 en 1940 werd de Elfstedentocht gewonnen door meer dan één rijder. Dit keer weigerde de Vereniging deze collectieve zege te erkennen. Het waren Jeen Nauta, Maus Wijnhout, Aad de Koning, Anton Verhoeven en Jan van der Hoorn, die hand in hand de finish passeerden. Alhoewel Jeen van den Berg als zesde aankwam, werd hij niet uitgeroepen tot winnaar. Deze Elfstedentocht is daarom de enige zonder erkende winnaar.

Ondanks een recordopkomst van tour- en wedstrijdrijders, wordt de tocht op 14 februari 1956 overschaduwd door een anticlimax. De kopgroep besluit al bij Vrouwbuurtstermolen dat zij samen gaan finishen. Het bestuur is echter onverbiddelijk, zij hebben er geen wedstrijd van gemaakt en komen dan ook niet in aanmerking voor een prijs!

De eerste vijf prijzen, J. Nauta uit Wartena, J. van der Hoorn uit Ter Aar, A. de Koning uit Purmerend, M. Wijnhout uit Lisserbroek en A. Verhoeven uit Dussen, worden ingehouden, de als zesde binnengekomen Jeen van den Berg houdt dus ook gewoon zijn zesde plaats. Op de wedstrijddag vroor het hard en het ijs was ontzettend hobbelig. In 8 uur en 46 minuten volbrachten de vijf eersten de tocht.

KOPGROEP VAN VIJF VERDEDIGT ZICH.

We hadden elkaar nodig, we moesten wel. IJS WAS TE ZWAAR.

"Wij zijn het met de beslissing van het Elfstedencomité niet eens. Wanneer we het in ons eentje hadden moeten doen, zouden we misschien de eindstreep nooit gehaald hebben. We hebben het "Voor wat hoort wat" laten prevaleren, elkaar op het laatste en zwaarste gedeelte van het traject, door om beurten de kop te nemen, zoveel mogelijk gesteund en daarom dan ook besloten gezamelijk door de finish te gaan".

Aldus kan het beste de mening van het uit Jeen Nauta, Aad de Koning, Maus Wijnhout, Jan van der Hoorn en Anton Verhoeven bestaande quintet, dat ex-equo eerste werd geklasseerd, doch niet in de prijzen viel, worden geformuleerd.

Ga er zelf maar eens aan staan, 200 km onder deze omstandigheden. Na Franeker was het ijs zó beroerd en ging het rijden tegen die sneeuwstorm in zó moeilijk, dat we toen al overkwamen, samen de laatste zware loodjes te verstouwen.

GEWONDEN IN HARLINGEN.

In Harlingen hebben honderden toerrijders de tocht moeten opgeven. Van dinsdagmiddag  3 uur tot des avonds 8 uur hadden treinen en bussen het er druk mee. De EHBO aldaar heeft aan meer dan 70 Elfstedentochters hulp moeten verlenen; daarbij waren ook ernstige gevallen.

Dr. Hersch uit Oegstgeest brak door een val zijn sleutelbeen, maar reed nog 60 km door en moest tenslotte in Harlingen toch opgeven. De heer F. Vulkers uit Hauwert in Noord-Holland reed reeds op de Ried bij Harlingen tegen een brug op en werd met zware hersenschudding opgenomen. De heer M. Wobma uit Harlingen viel bij Sloten, maar reed toch door. In zijn woonplaats aangekomen gaf hij op. Hij bleek eveneens een hersenschudding te hebben en ernstige verwondingen aan het hoofd.

Een vierde rijder, de heer A. de Vries, die op de Bolswardervaart kwam te vallen, bleek bevroren ogen te hebben. Hij was volkomen blind en werd in het ziekenhuis opgenomen.

"HET WORDT BAR EN BOOS"

Stempelkaart 1956.

MET ZIJN ALLEN OVER DE STREEP.

Van links naar rechts Jeen Nauta, Maus Wijnholt, Anton Verhoeven, Jan van der Hoorn en Aad de Koning.


1963

18 januari 1963.
Strenge vorst. Stuifsneeuw. Storm. Verschrikkelijke omstandigheden.

Zeer slecht ijs.
568 wedstrijdrijders aan de start, 57 geklasseerd.
9.294 toerrijders, 69 volbracht.
Winnaar: Reinier Paping, uit Ommen.

Het stormde op 18 januari 1963, de koudste dag van de koudste winter van de vorige eeuw. Het vroor die avond zo'n achttien graden, wat met die ijskoude wind erbij een Siberische klimaat veroorzaakte. Van de 10.000 toerrijders haalden slechts 69 de eindstreep na een tocht van minimaal vijftien uur. Het is een wonder dat er die dag geen doden zijn gevallen.

Op 18 januari 1963 vond de twaalfde Elfstedentocht (of Alvestêdetocht zoals ze dat in Friesland zeggen) plaats. Dat was de verschrikkelijkste Elfstedentocht uit de geschiedenis. Velen zullen zich die tocht nog herinneren. Dat komt waarschijnlijk mede omdat daarvan voor het eerst live verslag van werd gedaan op radio en televisie. Daardoor kon iedereen in Nederland deze historische tocht direct meebeleven. Daarna duurde het ook nog eens 22 jaar voordat de volgende Elfstedentocht plaatsvond en dat zorgde ervoor dat de legende langdurig in stand te gehouden werd.

Maar dat is toch niet de enige reden. Het was ook werkelijk een barre tocht. In de nacht van 18 januari werden alle kouderecords gebroken en bij de start was het MIN 12 graden. En in de loop van de dag stak er ook nog eens een noordoosterstorm op. Dat maakte het dus eigenlijk onverantwoord om de tocht door te laten gaan.

Er speelden zich dramatische taferelen af. Er vonden vreselijke valpartijen plaats, mensen reden met hun hoofd tegen een brug omdat hun oogleden bevroren waren. Er waren veel gewonden doordat mensen hun benen, armen of zelfs hun bekken braken. Langs de route lagen de EHBO-posten en ziekenhuizen vol met gewonde mensen. Het leek wel een compleet slagveld en daar werd dus live verslag van gedaan op radio en televisie.

In Stavoren stapten vele duizenden mens af om de trein terug naar Leeuwarden te nemen. Omdat het aanbod van reizigers niet verwerkt kon worden werden extra bussen ingezet.

Hoe erg het geweest was bleek achteraf. Van de 9.294 toerrijders haalde maar 69 mensen de finish in Leeuwarden. Maar ook van de 568 wedstrijdrijders kwamen er slechts 58 aan. Dus van het total van 9.862 mensen die aan de tocht van zo'n 200 kilometer over het ijs begonnen kwamen er maar 127 aan. 

De held van dit alles werd de winnaar van de wedstrijdrijders, Reinier Paping. Er had zich een kopgroep gevormd waar Reinier Paping in zat, samen met Jeen van den Berg, Anton Verhoeven en Jan Uitham. Bij Witmarsum reed Paping echter weg bij deze kopgroep met nog bijna de helft van de wedstrijd voor de boeg en dat onder zulke barre omstandigheden. Dat stuk legde hij dus helemaal in z'n eentje af.

Jeen van den Berg was sneeuwblind geworden en werd op sleeptouw genomen door Jan Uitham. Toen Reinier Paping na een tocht van 10 uur en 59 minuten arriveerde duurde het nog 22 minuten voordat nummer twee, Jan Uitham, arriveerde. Jeen van den Berg werd derde. Ook Anton Verhoeven was sneeuwblind geworden en wankelde als vierde over finish op de Grote Wielen in Leeuwarden.

Toen Paping arriveerde stonde er zoveel mensen op het ijs dat het nog even verkeerd dreigde te gaan. Er bestond gevaar dat men massaal door het ijs zou zakken en in het ijskoude water terecht zou komen. Om aan te geven wat voor een nationale gebeurtenis het was moet nog vermeld worden dat koningin Juliana met prinses Beatrix aanwezig was om de winnaar te feliciteren. Dat gebeurde in de EHBO tent bij de finish, nadat Paping eerst met een infrarood lamp een beetje ontdooid was. Prinses Beatrix was zo enthousiast dat ze maar bleef uitroepen: "Meneer Paping ik heb toch zo'n bewondering voor u".

Reinier Paping was 31 jaar toen hij de Elfstedentocht won. Na de huldiging ging hij met zijn vrouw naar Dedemsvaart waar ze door de fanfare werden opgewacht. Hij woonde diep in de bossen in Ommen in een in een zomerhuisje omdat hij in verband met de woningnood geen gewoon huis kon krijgen. Toen de pers de andere dag naar hem op zoek was en eindelijk het huisje gevonden had was hij niet thuis. Hij had tegen zijn vrouw gezegd:"Ik ga even in het bos voor een loopje. De spieren zijn nog wat stram".

Van zijn prestatie werd Paping niet rijk. Hij kreeg twee jaarkaarten voor de ijsbaan in Deventer, van de provincie Overijssel kreeg hij een zilveren sigarettendoos (voor een sportman ??) en een onbekende had hem in Ommen een tientje in de hand gedrukt.

Bij zijn eerste televisie-interview vertelde hij dat hij elke ochtend Brinta at. W.A. Scholten's Chemische Fabrieken (het latere Koninklijke Scholten Honig) nam contact met hem op en Paping werkte mee aan een reclamecampagne "Niemand de deur uit zonder Brinta". Daarvoor gebruikten ze een foto van Paping. De reclamecampagne was een succes en er werd meer Brinta verkocht. En wat kreeg Paping voor zijn medewerking aan de campagne ? Hij ontving 500 gulden, een aansteker (voor een sportman ??) en een föhn voor zijn vrouw.

Paping begon, vrijwel direct na zijn overwinning, een sportzaak in Zwolle die dank zij zijn naam goed liep. Pas na 22 jaar, in 1985, was er weer een Elfstedentocht. Evert van Bentum, die zijn eerst noren nog in de winkel van Paping gekocht had, won. Het jaar daarop werd er weer een Elfstedentocht gereden en weer won Van Bentum. Dat waren gouden winters voor de winkel van Paping. Het was in die winters hét adres waar je moest zijn om schaatsen te kopen en een goed advies te krijgen.

"DOE EEN LUIER OM TEGEN DE KOU"

Artsen waarschuwen rijders voor bevroren geslachtsdelen.

"IK GA WINNEN!"

KONINGIN VLUCHT MET PUBLIEK VAN FINISH, IJSVLOER BOOG SCHEUREND DOOR.

Koningin Juliana en prinses Beatrix van ijs gehaald tijdens finish wegens extreme drukte.

Tijdens de finish van de Elfstedentocht op de Groote Wielen van 18 januari 1963 ontsnapte Nederland aan een ramp van enorme omvang. Toen Reinier Paping iets voor half vijf zijn laatste meters schaatste, stroomde het ijs vol met toeschouwers. Ongeveer op hetzelfde moment parkeerde de Koninklijke helikopter met koningin Juliana en haar dochter Beatrix op datzelfde ijs, wat een nieuwe golf enthousiasme en vooral mensen veroorzaakte. Het ijs bolde, er kwam water op en opeens kwamen honderden mensen, inclusief Paping en de koningin, in direct levensgevaar. Het water eronder was namelijk zo’n zes meter diep en een duik daarin betekende een bijna zekere dood.

REINIER PAPING WINT BARRE TOCHT.

Reinier Paping, wint na lange solo-rit.

Elfstedentocht bij Hindeloopen, 1963.


TOP